JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Petrus Dathenus

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Petrus Dathenus

4 minuten leestijd

(5.)

Diep onder de indruk van alles wat Datheen in de Nederlanden had meegemaakt, verliet hij in April 1567 ons vaderland en begaf zich weer naar de Paltz.. Lang was hij daar nog niet of hij moest weer een nieuwe reis gaan maken. Ditmaal naar Frankrijk.

Naar Frankrijk

Voor de tweede maal was daar een burgeroorlog uitgebroken tussen de Hugenoten en de Hofpartij. De Hugenoten hadden de hulp ingeroepen van de Calvinistische keurvorst en dadelijk was deze tot hulp bereid. Hij zond zijn zoon Johan Casimir, met een leger van 11000 man, om de verdrukte geloofsgenoten te helpen. Voor de geestelijke bearbeiding-van zijn leger en tevens als raadsheer van zijn zoon, zond hij zijn hofprediker Datheen mee. Jammer genoeg is van deze tocht zo goed als niets bekend. Zeer waarschijnlijk is Datheen tot het einde van de strijd bij de troepen gebleven. Eind Maart 1568 werd vrede gesloten en direct is Datheen, waarschijnlijk over Zürich, weer huiswaarts gegaan.

In het najaar van 1568 werd het kerkelijk convent te Wezel gehouden. Van dit convent is Datheen zeer waarschijnlijk voorzitter geweest, omdat hij het eerst de acta heeft ondertekend. Op de besluiten, die te Wezel genomen zijn, zullen we niet verder ingaan, 't Enige dat genoemd dient te worden is, dat er besloten werd in alle kerken van Nederland de psalmen van Dathenus te zingen. Na vele omzwervingen kon Datheen eindelijk terugkeren naar zijn gemeente in Frankenthal. Kort daarop, eind 1569, benoemde de Keurvorst Datheen tot zijn hofprediker en verwisselde hij daarom zijn woonplaats te Frankenthal met die aan het hof te Heidelberg.

Twistgesprek met de wederdopers

Vooral in het twistgesprek met de Wederdopers heeft Datheen duidelijk getoond, met hart en ziel de Calvinistische beginselen te zijn toegedaan. Onder de naar Duitsland uitgeweken vluchtelingen kwamen veel Wederdopers voor. In bond met hun geloofsgenoten in de Paltz werden zij weldra een groot gevaar voor de opbloei der Gereformeerde kerk. In de 15e en 16e eeuw was het vaak de gewoonte, dat bij geschillen inzake de godsdienst de voormannen der verschillende richtingen openlijk met elkaar in 't strijdperk traden en door een onderling debat de vaak vele toehoorders van de dwalingen hunner tegenstanders en tevens van de juistheid van eigen standpunt trachten te overtuigen.

Op last van de Keurvorst nam men ook nu tot dit middel zijn toevlucht. Alle kosten van „herberghe, spijse ende dranck" zullen door de Keurvorst worden betaald. Spoedig waren alle toebereidselen gereed en op 28 Mei 1571 kwamen de afgevaardigden samen. Negentien dagen hebben de besprekingen geduurd. Elke dag werden twee bijeenkomsten gehouden, waarvan de eerste des morgens om zes uur begon. Niet alleen over de doop werd besproken, maar ook o.a. over de erfzonde, rechtvaardigmaking, huwelijk, overheid, eed enz.

Bij dit twistgesprek nam Datheen een belangrijke plaats in. Hij was vrijwel de enige, die de beginselen der Reformatie te verdedigen had tegenover de drie voornaamste woordvoerders der Wederdopers. Met grote tact en voorkomendheid trad hij tegenover zijn tegenstanders op. Maar ook zijn geduld kan voorbeeldig genoemd worden, daar de Wederdopers vaak dubbelzinnige of onduidelijke antwoorden gaven, 't Is waar, een enkele maal heeft hij wel eens een scherpe opmerking gemaakt, wanneer bij de Wederdopers alle openhartigheid of duidelijkheid ontbrak. Vaak hoort men beweren, dat Datheen een heethoofdig en onverdraagzaam drijver geweest is. Doch op de samenkomsten te Frankenthal is hij de Wederdopers met grote vriendelijkheid tegemoet getreden en heeft hij een schier eindeloos geduld aan de dag gelegd. Zonder echter nader tot elkander te zijn gekomen, ging men 20 Juni uiteen. Van de Keurvorst kregen de Wederdopers verlof in zijn rijk te mogen blijven, onder voorwaarde dat zij zich rustig zouden houden en hun leraars niet zouden prediken en dopen. Hielden zij zich niet aan die voorwaarden, dan zou gestreng tegen hen worden opgetreden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 april 1952

Daniel | 12 Pagina's

Petrus Dathenus

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 april 1952

Daniel | 12 Pagina's