JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Kerkgeschiedenis

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Kerkgeschiedenis

DE VIJFTIENDE EEUW

5 minuten leestijd

De reform-concilies. Enige tijd geleden schreven wij over het zgn. grote schisma, dat begon in 1378 en eindigde in 1415. Ook wezen wij op de hervormingspogingen, om de kerk, die krank was in hoofd en leden, te bedokteren en tot genezing te brengen, dat het vooral de universiteit van Parijs met mannen als Pierre d' Ailly en Jean Gerson was, die naar hervorming streefden. Zo ontstonden de reform-concilies.

Er zijn er drie geweest nl. van Pisa (1409), Konstanz (1414—18) en Basel (1431—49).

De beide eerste zijn voorheen reeds genoemd; ook de zaken die er werden behandeld. Wij zullen voor het goed verband alles kort memoreren en dan nog het laatste nagaan.

a. Pisa. De beide pausen, Gregorius XII (Rome) en Benedictus XIII (Avignon) werden afgezet en vervangen door één paus Alexander V, die echter reeds een jaar later stierf. Hij werd opgevolgd door Johannes XXIII, een treurig mens. De afgezette pausen gaven hun aanspraken echter niet op, zodat er feitelijk drie pausen waren. Ieder had zijn aanhangers; de krankheid was dus erger geworden.

b. Konstanz. Dit concilie was samen gekomen door de bemoeiingen van keizer Sigismund, die de zoeven genoemde paus Johannes XXIII wist te bewegen het samen te roepen.

Men stemde ter vergadering niet hoofdelijk, maar per natie (Italië, Frankrijk, Duitsland en Engeland); de kardinalen vormden de 5e stem en later Spanje de 6e.

De zaken, die ter tafel kwamen, waren in getal drie, 1. opheffing van het Schisma; 2. geloofszaken; 3. de zaak der reformatie.

Wat het eerste betreft: Sigismund wilde ter zijde stelling van de drie pausen; dus ook van Johannes XXIII. Toen deze dat zag aankomen, sloeg hij op de vlucht, om op die manier de beslissingen van het concilie haar kracht te ontnemen.

Maar de vergadering schafte raad. Onder leiding van Gerson verklaarde zij, dat het gezag van het concilie rechtstreeks van Christus was afkomende en dat het dus boven de paus stond. Johannes XXIII werd afgezet en ook de beide andere pausen verdwenen. Het conclave koos nu een nieuwe paus nl. Martinus V. Wat de maatregelen omtrent de leer betreft: hierbij ging het cm de wiclifiaans-hussitische ketterij, door ons reeds behandeld.

Wat punt 3 betreft werd besloten, dat er geregeld zulke concilievergaderingen zouden gehouden worden en elke paus een eed van gehoorzaamheid aan het concilie moest afleggen.

Maar niet ieder was het met deze gang van zaken eens en zo waren er conciliaristen (het concilie de hoogste macht) en curialisten (de curie = het pauselijke hof de hoogste macht).

Martinus V bleek echter een aanhanger van het curialisme te zijn. Door het afsluiten van concordaten, dat zijn overeenkomsten met sommige naties op finantieel en kerkrechterlijk gebied werkte hij de hele reform beweging tegen en hief in 1418 het concilie zelfs op.

c. Basel. Op 't eind van zijn leven riep p. Martinus, op aandrang van de conciliaristen, weer een concilie samen, nu te Basel.

Het werd in 1431 geopend door zijn opvolger Eugenius IV. Het boterde direct al niet tusssen paus en concilie. Want nog eer het jaar om was, hief Eugenius het concilie op en riep het weer samen tegen 1433 te Bologna (Italië).

Dat bezorgde hem een bedreiging van het concilie. Als hij niet spoedig dat opheffingsbesluit introk, zou hij aangeklaagd worden wegens ongehoorzaamheid. De paus bond in en erkende tenslotte het concilie.

De organisatie, de inrichting, er van was niet als dat van Konstanz, waar per land gestemd werd. Hier te Basel geschiedde dat volgens vier deputaties. Elke kring vertegenwoordigde alle naties.

Al spoedig waren allerlei krasse maatregelen vastgesteld: zo tegen het concubinaat, het lichtvaardig gebruik van het interdict enz. Men wilde een nieuwe kerkorde ontwerpen: de paus zou wel de leiding hebben, maar het concilie zou de wetgevende macht bezitten. Overeenkomstig Konstanz zou dus het concilie het centrale punt zijn.

Dat ging, wij kunnen het begrijpen, de paus al te ver:

zo zou zijn macht aan banden gelegd worden. Hoe eerder hij naar Italië kwam, hoe liever het hem was. En spoedig kreeg hij daartoe gelegenheid door de zaak met de Grieken. Dan zou het vertrek schijnbaar niet in verband staan met de houding van het concilie, maar geschieden ter wille van de griekse kerk.

Deze werd zeer bedreigd door de Turken, welke dan ook in 1453 Constantinopel hebben ingenomen. Maar nu was het zover nog niet; nu was er alleen de dreiging.

De Grieken vroegen nu een Unie met de westerse kerk op voorwaarde van militaire steun.

Het werd daar te Basel een stormachtige boel. Eugenius trok met de curialisten naar Italië en opende daar het concilie van Ferrara, later naar Florence overgebracht 1439.

De meerderheid van het concilie bleef echter te Basel, zette de paus af en benoemde een tegenpaus Felix V. 1439.

In ditzelfde jaar kwam ook de zoeven genoemde Unie tussen oosterse en westerse kerk tot stand. Een succes voor Eugenius.

Het concilie was al te radicaal geweest.

De meeste landen hielden zich aanvankelijk neutraal in dit conflict, maar in de veertiger jaren gingen bijna alle tot Eugenius over.

Het concilie van Basel begon te verlopen. Het verplaatste zich in 1448 naar Lausanna (Zwitserland), de residentie van Felix. In 1449 werd het gesloten door Eugenius' opvolger paus Nicolaas V., feitelijk een navolger van Eugenius.

Resultaten. De reform-concilies hebben geen resultaten geboekt, wat betreft de genezing der krankheid in hoofd en leden.

Dat kon ook niet. Het was inderdaad zoals Dr Berkhof schrijft: „De wortel van het kerkelijk kwaad werd niet gezien; men streed alleen tegen de uitwassen."

De heerschappij van Gods Woord moest hersteld worden. En dat zou het werk der Reformatie zijn.

ver-Toch viel er iets te constatex'en: een hernieuwd schijnen van het landskerkendom.

Daarover moeten wij in een volgend artikel nog een en ander meedelen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 22 februari 1952

Daniel | 8 Pagina's

Kerkgeschiedenis

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 22 februari 1952

Daniel | 8 Pagina's