Zijner handen werk (34)
DE AMANDELBOOM.
Sommige bomen verliezen hun bladeren in Palestina in de winter, andere houden hun bladeren tijdens het koude jaargetijde. Dit geeft aan het Palestijnse landschapsbeeld in de winter een eigenaardig karakter. De olijven bv. blijven altijd groen, de vijgebomen daarentegen hebben in de winter naakte stammen en takken. Verschillende soorten eiken houden hun bladeren, evenals de Johannesbroodboom en de oleander. Tamarisch en Enfraatpopulier daarentegen worden weer kaal.
Do Amandelboom verliest in het najaar wel zijn bladeren, maar toch staat deze boom er zeer korte tijd
„doods" bij, want het was al laat in de herfst, toen de bladeren vielen en heel vroeg in het voorjaar, als de andere hoofdverliezende bomen nog lang geen nieuw leven vertonen, zit er in deze boom al werking. Het is dan ook de eerste vruchtboom, die weer begint uit te botten, reeds in de winter. Is het begin Januari reeds te zien, in Februari staat de boom al in volle bloei. Het is een overweldigend gezicht: een boom in volle bloei in een tijd, dat er nog sneeuw kan vallen.
Tegenwoordig heeft Palestina veel van zijn houtrijkdom verloren, vergeleken met vroeger, maar nog komen de Amandelbomen in Kanaan vrij veel voor, vooral ten N.O. van Jeruzalem. Hier lag eertijds Anatoth, de geboorteplaats van de profeet Jeremia. In het le hoofdstuk van zijn boek lezen we: Wijders geschiedde des Heeren woord tot mij, zeggende: Wat ziet gij Jeremia? En ik zeide: k zie een amandelboom." (Jer. 1 : 11.) We zouden haast zeggen: ogisch, dat Jeremia'dit antwoord geeft, want juist rondom Anatoth groeiden zoveel amandelbomen. Wanneer men rondkeek, zag het oog bijna niets anders. In die streek zijn daar nu nog de overblijfsels van te zien. We lezen verder: En de Heere zeide tot mij: ij hebt wel gezien; want Ik zal wakker zijn over Mijn woord, om dat te doen." (Jer. 1 : 12.) .Dit antwoord van den Heere houdt verband met het zeer vroege bloeien van de amandelboom in het voorjaar. Immers als alles in de natuur nog schijnt te slapen, is de amandelboom reeds ontwaakt: o zal ook, bij wijze van spreken, de Heere straks wakker zijn om het woord, dat Jeremia straks in Zijn naam zal spreken, te vervullen.
Zoals boven reeds is opgemerkt, maakt het zien van een bloeiende amandelboom een onvergetelijke indruk, want de bloemen, die sneeuwwit zijn, zitten al aan de boom, als er nog geen blad te zien is. Die komen later pas. Vroeger stonden in het Vondelpark in Amsterdam een paar prachtige exemplai-en van deze boom, die altijd veel belangstelling trokken tijdens de bloeiperiode. Het is dan ook te begrijpen, dat bij de beschrijving van de ouderdomsverschijnselen in Pred. 12 de bloeiende amandelboom het beeld is van het wit worden van het haar. „Ook wanneer zij voor de hoogte zullen vrezen, en dat er verschrikkingen zullen zijn op de weg, en de amandelboom zal bloeien, en dat de sprinkhaan zichzelven een last zal wezen, en dat de lust zal vergaan; want de mens gaat naar zijn eeuwig huis, en de rouwklagers zullen in de straat omgaan." (Pred. 12 : 5.)
De geopende amandelbloesem en de opengesprongen amandelvrucht zijn beide schaalvormig. Daarom lezen we in Ex. 25 : 33 en 34, waar het gaat over de gouden kandelaar: In het ene riet zullen drie schaaltjes zijn, gelijk amandelnoten, een knoop en een bloem; en drie schaaltjes gelijk amandelnoten in een ander riet, een knoop en een bloem; alzo zullen die zes rieten zijn, die uit de kandelaar gaan. Maar aan de kandelaar zelf zullen vier schaaltjes zijn, gelijk amandelnoten, met zijn knopen en met zijn bloemen."
Ook buiten Kanaan kwamen amandelbomen voor. Immers na het oproer van Korach tijdens de woestijnreis moest de overste van iedere stam zijn staf aan Mozes geven, die ze neerlegde in het Heiligdom. De volgende morgen bloeide de staf van de verkozene des Heeren, Aaron, waarbij tevens bleek, dat Aaron zijn staf uit een amandelboom gesneden had: Het geschiede nu des anderen daags, dat Mozes in de tent der getuigenis inging; en ziet, Aarons staf, voor het huis van Levi, bloeide; want hij bracht bloeisel voort, en bloesemde bloesem, en droeg amandelen." (Num. 17 : 8.)
De vruchten van de amandelboom, de welbekende amandelen, waren in oude tijden waardevolle handelsartikelen en Jakob noemt ze te behoren tot „het loffelijkste dezes lands": Toen zeide Israël, hun vader, tot hen: s het nu alzo. zo doet dit; neemt van het loffelijkste dezes lands in uwe vaten, en brengt dien man een geschenk henen af: en weinig balsem, en een weinig honig, specerijen en mirre, terpentijnnoten en amandelen." (Gen. 43 : 11.)
Amandel is in het Hebreeuws Loez of Luz. Dit is de oude naam voor Beth-El, waaruit we mogen afleiden, dat er in die tijd veel amandelbomen in de buurt van die stad voorkwamen: En hij noemde de naam dier plaats Beth-El; daar toch de naam dier stad te voren was Luz." (Gen. 28 : 19.)
En hiermede zullen we een streep zetten onder de behandeling van de vruchtbomen. Enkele vruchtbomen, zoals Johannesbroodboom, appelboom en moerbeiboom zullen we niet meer behandelen, omdat deze bomen minder algemeen w'aren en om niet te uitgebreid te worden. Ook de moderne cultuur van citroenen en sinaasappelen (Jaffa's) zullen we achterwege laten.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 februari 1952
Daniel | 12 Pagina's