JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Vaderlandse Geschiedenis

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Vaderlandse Geschiedenis

5 minuten leestijd

Vredespogingen. Leiden was dus verlost en Holland gered. Maar de toestand des lands was erbarmelijk. Eerst moesten de dijken door de verarmde, uitgeputte bevolking hersteld worden; de landerijen waren vernield door de inundaties; vee was er bijna niet meer, zodat een slachtverbod moest ingevoerd worden; handel en nering stonden stil.

Ook Requesens schoot niet veel op, want hij verkeerde in voortdurende geldverlegenheid. Daarom scheen de tijd wel gunstig om de vijandelgkheden te staken.

't Was niet de eerste keer, dat men tot een vergelijk wilde komen. Denk aan het amnestieaanbod bij de aanvang van Requesens' bewind. Mannen als Aerschot en Viglius, Noircarmes, Berlaymont en Romero, drongen aan op verzoening tussen Willem en Philips. Ja, Marnix, d(ie, zoals we weten gevangen zat, had reeds voor de aanvang van Leidens beleg in een kleinmoedige bui bij de Prins er op aangedrongen het voorstel aan te nemen, dat de Protestanten het verzet zouden opgeven en het land verlaten, met behoud van hun goederen.

De Prins dacht er niet aan daarop in te gaan.

Nu, in 1575, zou men weer trachten te bemiddelen. Bemiddelaar was keizer Maximiliaan II. Deze zond zijn vertegenwoordiger naar Breda; ook Requesens en de Prins zonden vertegenwoordigers.

't Is alles op ntiets uitgelopen: de oude eis, uitsluitende handhaving van de katholieke godsdienst, deed de onderhandelingen afbreken.

Dit jaar is gekenmerkt door hevige strooptochten der Spanjaarden; zo werd Oudewater uitgemoord. Maar ook 's Prinsen stadhouder in het Noorderkwartier, Sonoy, maakte het erg bont met wreedheden tegen katholieke boeren, die door hem van verraad beschuldigd werden.

Nieuwe strijd. Zierikzee. Zo begon dan de strijd opnieuw. Requesens zou nu trachten Zeeland en Holland te scheiden door vermeestering van Zierikzee.

De onderneming stond onder persoonlijke leiding van de landvoogd en is een schitterend staaltje van krijgsmanskunst geworden.

De tocht zou gaan via Filipsland, het Zijpe over en zo door Duiveland. Hier lagen troepen om de vijand zo nodig op te vangen, terwijl de schepen van Boisot op het Zijpe waren.

Mondragon (hij was toen al 71 jaar) en d' Avila zouden het stuk trachten te volvoeren.

Mondragon zond een stoottroep van 1500 man onder de zeer bekwame leiding vas d'Ulloa vooruit.

De mannen van deze troep waren zeer eigenaardig toegerust: „om hun hals een zak met beschuit en kaas en 2 pond buskruid; om het middel een fles water, "

Zo trokken zij in de zeer donkere nacht van 28 September door het water van het Zijpe, tussen de hevig schietende schepen der Geuzen door, naar Duiveland.

Onze aldaar gestationneerde troepen boden wel krachtig tegenstand, maar konden het niet harden. Hun aanvoerder sneuvelde.

Mondragon volgde nu met het gros der troepen per schip en Zierikzee werd ingesloten.

't Was niet de eerste keer dat deze bekwame bevelhebber zo'n onderneming leidde. Hij kende het klappen van de zweep.

In 1572 moest hij Goes gaan ontzetten en trok daartoe bij eb door een paar boeren geleid, met 3000 man over de zandbanken en door de killen van Bergen op Zoom naar Beveland. Soms reikte het water de soldaten tot aan de schouders. Onze troepen wiisten niet wat zij zagen, toen zij hen uit het water zagen kruipen en sloegen op de vlucht.

Maar wat bij het Zijpe gepresteerd was, overtrof de tocht naar Goes verre.

Zo begon dan de belegering van Zierikzee, die negen maanden duurde.

De stad was ruim voorzien van levensmiddelen; de omgeving werd geinundeerd en was dus moeilijk te naderen. Maar Mondragon nam er de tijd voor; de honger zou de inwoners ten slotte wel dwingen tot overgave.

Binnen Zierikzee was het nu niet bepaald eendrachtigheid. Zoals we al meer voorbeelden gezien hebben gedurende onze strijd; het stadsbestuur hinkte op twee gedachten; enkele bevelhebbers, (o.a. de bekende Ruychaver, voorheen te Alkmaar), wisten van aanpakken en predikanten vuurden het volk aan om vol te houden. De Prins begreep, dat aan het behoud van Zierikzee zeer veel gelegen lag en stelde daarom alles in het werk de stad te ontzetten.

Hij vestigde zich daarom te Middelburg en leidde van daar uit de onderneming.

Aanvankelijk wisten verscheiden Geuzenschepen de haven nog binnen te komen; maar Mondragon maakte daaraan een eind, door de haven met palen en kettingen af te sluiten.

Toen werden de postduiven voor de berichtgeving ingeschakeld.

Bekend is het verhaal van de scheepskapitein Jan Lieven Heere, die met duiven om de nek(!) naar de Geuzenvloot kwam. De Spanjaarden kregen de zwemmer echter in de gaten en om te zorgen, dat zijn berichten niet in 's vijands handen zouden vallen, dook hij voorgoed onder in de wateren van de Schelde.

Ook de Geuzenvloot, onder leiding van de bekende Bflusot, heeft met 150 schepen nog een ontzetpoging gedaan, maar de zaak liep mis door verraad.

De admiraal, wiens schip was vastgelopen op de dijk, sneuvelde met enkele honderden van zijn mannen.

Nu was het spoedig met Zierikzee gedaan. De honger kwam in de stad binnen en men moest capituleren.

Opmerkelijk, dat de bezetting vrije aftocht kreeg; zelfs de predikanten! Voor ƒ 100.000 kocht men de plundering af, tot grote ergernis van de spaanse soldaten, die nog 2 jaar soldij te vorderen hadden. Weer was het van rondsom duister. Zeker historieschrijver noemt de jaren 1573—1576 de donkerste van de vrij-(heidskamp.

Geslagen penningen tonen de geestesgesteldheid van die droeve dagen. Eén met de afbeelding van een onttakeld schip en het randschrift: Wij weten niet, waar wij belanden zullen.

Maar ook de bekende penning voorstellende eens jonge vrouw, slechts door een lage haag omgeven, wijzend naar boven waar de Zon der Gerechtigheid straalt. En het randschrift: Onze hulp is in de Naam des Heeren.

Dat geloofsvertrouwen is niet beschaamd.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 oktober 1951

Daniel | 12 Pagina's

Vaderlandse Geschiedenis

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 oktober 1951

Daniel | 12 Pagina's