JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

VRAGENBUS

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VRAGENBUS

4 minuten leestijd

Correspondentie voor deze rubriek aan : | T. MOLENAAR. Leede 18. Rotterdam Zuid

( Correspondentie voor deze rubriek aan : | T. MOLENAAR. Leede 18. Rotterdam Zuid |

V. > Th. v. D. te S. vraagt mijn mening over de Christelijke film en over de preken van onze Geref. oudvaders.

Antwoord. Over de eerste vraag zal ik maar niet te veel schrijven. U begrijpt zelf wel, dat ik niet veel goeds te zeqggen heb van de Christelijke (? ) film. Onze mensen behoren niet in een bioscoop. Reeds meerdere malen heb ik er iets van geschreven en daarom meen ik, dat ik hiermee kan volstaan.

Maar over de preken van onze Geref. oudvaders wil ik toch wel iets schrijven. Dan kunt u uw smader, die die preken „stukgelezen romans" noemt, van antwoord dienen.

Laat ik een enkele regel aanhalen van Prof. H. Bavink, die in een voorwoord op de levensgeschiedenis en werken van R. en E. Erskine schrijft:

„Het verbond moet waarheid worden in eigen hart en leven. Dit aandringen op persoonlijke bekering geeft dan aan de Schotse prediking zulk een religieus karakter, zulk een practische strekking.

Ze beweegt zich altijd tussen de beide polen van zonde en genade, van wet en evangelie. Ze daalt enerzijds af in de diepten van het menselijk hart, neemt zonder sparen alle bedekselen en voorwendselen weg, waarachter de mens zich voor de heiligheid Gods verbergt en stelt hem in zijn armoede en ledigheid voor Gods aangezicht ten toon; maar dan komt ze anderzijds ook tot de alzo verslagene van geest met de beloften des Evangelies, put de rijkdom daarvan uit, beziet ze van alle zijden en past ze toe op alle omstandigheden van het leven. In die preken vindt men dit alles terug.

Het treffendst komt dat uit, als wij die preken vergelijken met de stichtelijke lectuur, die tegenwoordig, vooral in de christelijke verhalen en romans, op de markt wordt gebracht. De geestelijke zielekennis wordt er in gemist. Het is alsof wij niet meer weten, wat zonde en genade, wat schuld en vergeving, wat wedergeboorte en bekering is. In theorie kennen wij ze wel, maar we kennen ze niet meer in de ontzaglijke realiteit van het leven. En daarom maakt de stichtelijke literatuur uit vroeger dagen altijd een gans andere indruk dan die uit de jongste tijd. Want, al staat zij ver van ons af en al is haar vorm voor ons verouderd, zij is en blijft natuurlijk in de echte zin des woords, terwijl die uit onze dagen, als ze aan de zielsproblemen toekomt, onnatuurlijk en gekunsteld wordt.

We voelen, bij het lezen der oude schrijvers dat ons een stuk uit het leven wordt aangeboden.

Het is het minste deel van ons volk niet, dat in die stichtelijke lectuur van vroeger dagen nog altijd zich de ziel verkwikt."

Met het oordeel van Prof. H. Bavink ben ik het van harte eens. En hij kende de oud-vaders.

Ik raad u aan maar zeer voorzichtig te doen met hetgeen tegenwoordig aan de man gebracht wordt. Onderzoek biddend Gods Woord en lees veel de geschriften van onze godzalige oudvaders.

A. v. d. K. te L. vraagt mijn oordeel over het volgende:

Te de L. is geen Geref. Gemeente, 's Zondags kan zij maar één keer ter kerk, omdat het kerkgebouw van de Geref. Gemeente ongeveer 6 km van haar woonplaats staat en cmdat zij acht kleine kinderen heeft.

Van de plaatselijke vrouwenvereniging, die uitgaat van Hervormden en Gereformeerden is zij dikwijls aangezocht om lid te worden. Zij voelt er veel voor, omdat zij meent ook op zo'n vereniging het beginsel, hoe gebrekkig ook, naar voren te kunnen brengen.

Antwoord: 't Is U helemaal niet kwalijk te nemen, dat U te midden van de vele beslommeringen in uw huiselijk leven, behoefte heeft er eens een avondje uit te zijn. Dat U lid wilt worden van een vrouwenvereniging of van een naaikrans, die uitsluitend werkt voor de armen der gemeente, daar is niets op tegen. Maar om lid te worden van een gemengde vrouwenvereniging, kan ik heus niet aanraden.

Ik geloof, dat het U daar tegen zou vallen. En als U zich daar thuis zoudt gevoelen, vrees ik, dat de banden met de Geref. Gemeente losser zouden worden.

In het kerkelijk jaarboekje heb ik gelezen, dat het aantal leden van de Geref. Gemeente 40 en van doopleden 60 is.

Is het nu niet mogelijk om, in overleg met de kerkeraad, te komen tot het oprichten van een naaikrans? Al zoudt ge er maar met 6, 8 of 10 vergaderen, dan waart ge toch te midden van uw eigen volk en ge zoudt nu nuttig werk kunnen verrichten voor de armen van de plaatselijke Geref. Gemeente.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 mei 1951

Daniel | 12 Pagina's

VRAGENBUS

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 mei 1951

Daniel | 12 Pagina's