Vaderlandse Geschiedenis
De 80-jarige worsteling begint. Oranje besloot thans bij zoveel rechtsverkrachting en onderdrukking naar de wapenen te grijpen.
Dit was geen opstand. Hij was regerend vorst (nl. over het Prinsdom Oranje) en zijn strijd ging aanvankelijk niet tegen de koning, maar tegen Alva.
De loop der gebeurtenissen heeft echter geleid tot de afzwering van Philips in 1581.
Had deze b^repen wat de motieven van het verzet waren, was hij niet zo uitermate romanistisch geweest, hij zou zijn rijke erflanden niet kwijt geraakt zijn.
De omstandigheden schenen voor Oranje, die weer Luthers was geworden, (hij was gehuwd met Anna van Saksen, de dochter van keurvorst Maurits en moeder van onze Maurits), gunstig, althans hoopvol, voor de gewapende actie.
Hij rekende op hulp der duitse vorsten. Was hij nu niet hun geloofsgenoot? Noemde hij zich niet beschermer van het protestantisme?
Ook op hulp der franse Hugenoten rekende hij. Deze waren de strijd om gewetensvrijheid weer begonnen en in hun legers bevonden zich veel nederlandse uitgewekenen. Voorts was daar koningin Elisabeth van Engeland, die zich bedreigd moest voelen door de fel roomse koningin van Schotland, Maria Stuart.
Op zee zwierven de Watergeuzen rond. Zij hadden van de Prins kaperbrieven ontvangen en konden met de opbrengst van de verkochte buit de strijdkas steunen.
't Was maar zo jammer, dat ook hun eigen volksgenoten een beurt kregen en er van de buit heel weinig in de strijdkas kwam.
De rondzwervende Geuzen te land noemde men Bosgeuzen. Hoe nu aan de nodige contanten te komen? Er circuleerde een manifest plus intekenlijst. Oranje en zijn broeders verpandden hun eigendommen en gaven een schitterend voorbeeld van offervaardigheid voor onze zaak.
Zo kreeg men een millioen bij elkaar. De bijdrage uit onze landen was echter zeer gering, slechts ƒ 12.000 Nu kon tot werving van troepen worden overgegaan. Tijdens deze gebeurtenissen hadden hier en daar invallen van uitgewekenen plaats, bv. in West-Vlaanderen. Ja zelfs is getracht, met 2500 man bij 't klooster Groenendaal bij Brussel Alva te overvallen en gevangen te nemen, 't Mislukte alles en nieuwe moordpartijen waren er het gevolg van.
's Prinsen doel was op 4 punten het land binnen te dringen, een algemene opstand te verwekken en zo Alva tot verdwijnen te dwingen. Hij zelf zou met het hoofdleger volgen.
't Is één grote teleurstelling geworden, één lijdensweg. Maar vcor Oranje een leerschool, nl. dat al ons pogen alle menselijke hulp vergeefs is, tenzij God helpt.
En de Heere heeft in de komende jaren getoond, dat niet de mens, maar Hijzelf het roer Van ons landsseheepje in handen had en dit daarom te midden van storm en golven onmogelijk kon ten onder gaan. Dat heeft ook Oranje moeten leren en geleerd; hoewel het een moeilijke les is af te zien van eigen krachten, van alle menselijke hulp en op God alleen zijn betrouwen te stellen.
Zo kwam tot zijn recht zijn: „Saevis tranquillus in undis", d.i. „rustig te midden der woedende golven", onder het prachtige beeld van de pelikaan op zijn nest met jongen, ronddobberend op de bruisende golven; zo echt het beeld der Oranjes en ons volk, in lotsverbondenheid één. Niet de mens, maar God zelf heeft deze band gelegd, zij het in vreselijke tijden.
Slechts één van de 4 invallen heeft een kortstondig succes gehad: de bekende inval in Groningerland en de slag bij Heiligerlee, onder de Nassauers Lodewijk en Adolf (deze laatste was de aanvoerder der ruiterij.)
Helaas, moest hier Juliana van Stolberg haar eerste kinderoffer brengen voor onze zaak.
Adolf sneuvelde; aan spaanse zijde ook Aremberg.
Jammer genoeg ging Lodewijk, tegen het advies van zijn broer, het sterke Groningen belegeren. Willem had aangedrongen door te stoten naar Friesland en Holland en Enkhuizen te bezetten.
Alva achtte de zaak daar in 't Noorden zeer ernstig en besloot er persoonlijk heen te gaan.
Hij begreep echter zeer goed, dat men tijdens zijn afwezigheid wel eens minder aangename dingen kon uithalen en dit gevaar was niet denkbeeldig.
Eén der bevelhebbers van de Prins, de heer van Villers, aan wie de aanval op Roermond was opgedragen, was door d' Avila gevangen genomen en had allerlei bekentenissen gedaan inzake de geheime plannen van Oranje. Het waren voor Alva waardevolle onthullingen. Nu wist hij, dat overal in deze gewesten voor hem gevaar dreigde.
En om dit gevaar te bezweren, wilde hij, voor zijn vertrek naar het Noorden, ons volk verlammen, opdat het tijdens zijn afwezigheid niets zou doen.
Daarom gaf hij bevel een twintigtal gevangen genomen edelen ter dood te brengen. Ook Egmond en Hoorne zouden dit smadelijk lot ondergaan.
Trouwens, Philips had al bij herhaling op hun terdoodbrenging aangedrongen.
Het is een afschuwelijk treurspel geworden. Op 4 Juni werden beide mannen van Gent naar Brussel gevoerd, om de volgende dag op de historische Groo-
te Markt onthoofd te worden. De laatste nacht brachten zij door in het zgn. Broodhuis, gelegen aan genoemde Markt.
noemde Markt. Waardig schreden zij ten dood. Onder de bewakingstroepen zagen zij vroegere krijgsmakkers en groetten die. Egmond heeft nooit kunnen geloven, dat dit 's konings wil was. Nog in zijn laatste brief aan Philips betuigt hij, dat hij nooit van plan is geweest iets tegen de persoon en de dienst des konings, of tegen de ware, oude en katholieke religie te doen.
De indruk onder de toeschouwers was ontzettend. Men weende, uitte hartverscheurende kreten en doorbrak het cordon der troepen. Sommigen doopten hun zakdoeken in het afstromende bloed der edele mannen; anderen bedekten hun kisten met vurige kussen. Vreselijke eden, om hun dood te wreken, zijn daar ge-
zworen. Alva bereikte voorlopig zijn doel. Ons volk was als verlamd. Heel Europa had deernis met de vermoorden en hun arme betrekkingen. Hoe moeten wij Alva's optreden in deze zaak beoordelen?
Hij moet aan zijn koning geschreven hebben, „dat het hem in de ziel speet". M.a.w. de koning zou de hoofdschuldige zijn. Zo iets als: Befehl ist Befehl!
Hij heeft echter beide mannen op geraffineerde wijze in de fuik laten lopen. Het was een duivels stuk.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 maart 1951
Daniel | 12 Pagina's