VOOR ONZE Militairen
„STEUN WETTIG GEZAG"
„STEUN WETTIG GEZAG"
Ik heb enkele weken geleden een brief ontvangen van een ouderling van een van onze Gemeenten. Hij zit met een moeilijke kwestie nl. met de instelling „Steun Wettig Gezag". Aangezien ik militair ben en deze kwestie volgens die ouderling „urgent" is, zo vraagt hij mijn visie op deze organisatie. Ik wil die wel geven, alhoewel daar veel vragen over te stellen zijn.
De belangrijkste vraag die zich aandient is: „Zijn er principiële bezwaren om toe te treden tot de organisatie „Steun Wettig Gezag". (S.W.G.)
Dit lijkt mij een zeer belangrijke vraag. Indien er principiële bezwaren zijn dan is hiermede de zaak veroordeeld en mag ik niet als lid aan „S.W.G." deelnemen. Ik heb persoonlijk veel nagedacht en met verscheidene mensen hierover gesproken. Is dit alles wel nodig, ik bedoel zoeken wij er niet iets achter wat we er eigenlijk niet achter mogen zoeken, om de doodeenvoudige reden, dat „dat iets" helemaal niet aan de orde is ? Laat ik maar met de deur in huis vallen. Ik ken geen enkel principieël bezwaar en ik heb er ook nog nooit één vernomen. Wel andere bezwaren maar die komen straks wel aan de beurt. Indien een van de lezers mij die kan noemen dan houd ik mij aanbevolen.
Wat is het doel en oogmerk van „S.W.G."? Het doel is om in tijd van oorlog een aantal geoefende mannen te hebben, die door de regering gebruikt kunnen worden, voor de binnenlandse veiligheid, dus om haar Gezag te steunen. Ze zijn dus niet bestemd voor — zo wij dat noemen — gevechtstroepen.
Ze behoren dus niet tot het veldleger. Hvm taak is meer gelegen, te zorgen voor bewakingsdiensten, het beschermen tegen luchtaanvallen van bepaalde steden of bepaalde objecten, zorgen voor de orde en rust in ons land, transporten beveiligen enz. enz. Dat is met eigen woorden in 't kort aangegeven de taak van „S.W.G." We hadden vóór de oorlog ook al zo iets in de „Burgerwacht." Van e.v. bezwaren om toe te treden tot de burgerwacht heb ik toen nooit iets vernomen. Waarom dan nu eigenlijk wel. Omdat we nu een geheel andere samenstelling van onze Regering hebben dan vóór 1940? Kan dat een geldige reden zijn? Dan zit daar toch onmiddellijk aan vast of onze Regering wettig of onwettig is. Is zij onwettig dan zouden er principiële bezwaren kunnen bestaan, doch anderzijds als ze wettig is dan geloof ik dat we haar in haar zware taak dienen te steunen, tenzij Zij wetten of besluiten gaat invoeren welke in strijd zijn met Gods Woord, dan geldt het: „Men moet Gode meer gehoorzaam zijn dan de mens". Is zij wettig dan dienen we ons te plaatsen op het standpunt van Rom. 13. „Alle ziel zij den machten, over haar gesteld, onderworpen"... Want zij is Gods dienares... Hier opent zich een breed terrein. Als ik een Rood-Roomse regering niet met de wapenen mag steunen, door lid te worden van „S.W.G." mag ik diezelfde regering dan wel dienen als beroepsmilitair of als dienstplichtige, of moet ik dan dienstweigeren. Consequent geredeneerd, ja, maar een ieder zal aanvoelen dat dit geen rechtsgrond heeft. Is de tegenwoordige regering wettig of onwettig? Ziedaar de vraag wat voor velen een struikelblok is en een van de remmen om lid te worden van „S.W.G." Mijn antwoord hierop is: „Wettig". Zij is door het volk zonder enige dwang, in volle vrijheid gekozen. Wil dit dan zeggen, dat we het in alles eens zijn met de daden dezer regering ? Hoe komt U daarbij ? Als een vereniging een bestuur kiest, houdt dit toch niet in, dat de leden het met alle handelingen van dat bestuur eens moeten zijn. Verre van daar, maar dat heeft niets te maken met de wettigheid van het bestuur. Ik stel mij dus op het standpunt dat wij verplicht zijn ons aan de Overheid te onderwerpen, omdat zij is de van God ingestelde macht. U moet er wel rekening mee houden dat in Nederland de Regering niet enkel gevormd wordt door de Ministers hoor! Dan bent u abuis. In art. 104 van de Grondwet staat dat de wetgevende macht gevormd wordt door de vorst en het Parlement. De Koning met het ministerie zegt onze grondwet vormen samen de regering. Niemand onzer twijfelt of Koningin Juliana wel een wettige Koningin is. Zijn we niet geroepen Haar te steunen bij Haar zware taak?
De leidende gedachte van Calvijn en van onze vaderen was dat de Overheid staat in de plaats van God om te regeren; ontleent haar gezag aan God en is mitsdien gebonden de ere Gods en het welzijn der mensen te beveiligen, zal het fundament van haar gezag onaangetast blijven. De instelling van de Overheid kunnen we lezen in Gen. 9 : 6. Deze instelling heeft dus een Goddelijk karakter. Laten we dit nooit vergeten.
Verder moet U art. 36 van onze Nederl. Gel. Bel. maar eens met aandacht lezen. In de kommervolle tijden die we thans beleven mogen we elkaar wel eens oproepen dat wij ons te gedragen hebben als aangegeven in art. 36. Zelfs de harde, dikwijls onrechtvaardige bejegening der Overheid mag voor ons geen reden zijn tot verzet. Wij zijn geroepen ons achter de wettige Regering te plaatsen, als het aankomt op de handhaving van het gezag, dat zij niet van of uit zichzelve heeft, doch dat God haar verleende.
Na al hetgeen ik heb opgenoemd zullen er toch nog wel bezwaren zijn bij onze lezers. Ik hoor er een zeggen, ja allemaal goed en wel, maar dat geldt alleen voor een Christelijke Overheid en niet voor een Rood-Roomse. Dacht ge dat? Mag ik uw geschiedenis-kennis eens een beetje te hulp komen?
Je hebt wel eens gehoord van Filips II, Koning van Spanje. Deze Filips brandde van woede tegen hen, door wie Christus alleen als Zaligmaker aangeroepen werd.
Groen van Prinsterer zegt: „De uitroeiing der Protestanten scheen hem de eerste zijner plichten. Door hen te doden, ten gevalle der Roomse kerk, meende hij Gode een dienst te doen." Welk standpunt namen onze vaderen nu in tegenover Filips? In 1573 werd Filips een smeekschrift aangeboden. Toen waren ree; ds duizenden gevallen op brandstapel en schavot. In dit smeekschrift zeggen ze: „dat Alva ons ten laste legt, dat wij de wapenen tegen Uwe Koninklijke majesteit hebben aangenomen en opgevat, dit ontkennen wij en betuigen voor Uwe Koninklijke Majesteit, ja voor God en Zijn heilige engelen, dat zulks nooit ons oogmerk geweest is. Want wij onderwerpen onszelven, met al hetgeen wij in de wereld dierbaar hebben, onder Uwer Majesteits gehoorzaamheid en wij zijn bereid U met lyf en leven alle goede en getrouwe diensten te bewijzen." r
Dat is duidelijke taal. Dat was het standpunt onzer voderen ten opzichte van een Koning waarvan Marnix van St. Aldegonde schrijft: „dewijl de Koning, gezworen vijand van de ware Religie en van Gods Woord, in generlei manier het bestuur des lands hebben wil, dan op voorwaarde, van het Rijk van Jezus Christus te kunnen uitroeien."
Zo is het door Gods goedheid in Nederland nog niet gesteld.
Ik zie dus geen principiële bezwaren om lid te worden van „S.W.G."
Zijn er dan geen andere bezwaren? Ja, maar daarover D.V. de volgende maal.
Vele hartelijke groeten van
„KRIJGSMAN".
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 januari 1951
Daniel | 12 Pagina's