JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

VOOR ONZE Militairen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VOOR ONZE Militairen

8 minuten leestijd

MIJN VERBLIJF IN TERNEUZEN (2.)

Ik zou jullie dus iets vertellen over een misstap van een nette man. Och! jongens, zo iets zul je zelf in je omgeving ook wel eens hebben meegemaakt. Of behoren we zelf soms tot degenen die wel eens een misstap hebben begaan? Die staat, zie toe dat hij niet valle! Het zijn sterke benen, die de weelde kunnen dragen. Trouw aan je verloofde, aan je vrouw, aan je beginsel is veel gemakkelijker te beoefenen als je bij je verloofde, bij je vrouw en bij je ouders bent dan wanneer we ver, zeer ver van haard en huis zijn.

Iemand die zich zelf een heel klein beetje kent zal dit zeer zeker met mij eens zijn. Het moet er maar eens op aankomen, dan blijkt het pas wie en wat wc zijn. Die nog nooit aan verzoekingen heeft bloot gestaan, heeft ook nog nooit de kracht van zo'n vez-zoeking gevoeld. Dat maak je met geen woorden klaar hoor? ; dan worden er daden van ons gevraagd, en dan pas merkt een mens hoe klein hij is van krachten. En nu is dit mijn ervaring, dat de verzoeking het krachtigste is als de mens zijn tijd doorbrengt in ledigheid. W T elnu, ik heb jullie de vorige keer al verteld dat de soldaten in Terneuzen hun tijd doorbrachten in ledigheid.

Het was Zaterdagmiddag en ik was wachtcommandant. Ik denk dat het ongeveer 4 uur was dat een soldaat binnen de kazerne gesleurd werd door twee marechaussee's. Ik zeg „gesleurd", want die man was zo dronken dat hij op z'n benen niet meer kon staan. Daarbij kwam nog dat hij zich op een verschrikkelijke wijze verzette. Hij was zeer kwaadaardig.

Ik ging mijn wachtlokaal uit om de arrestant over te nemen en zag tot mijn verbazing dat het de soldaat S. was. Een zeer nette bedaarde getrouwde man. Ik nam de sleutel mee van een cel en de marechaussee's duwden hem in de cel en ik sloot de deur. Daar zat ik nu, voor de eerste maal in mijn leven met een arrestant, en wat voor een arrestant? Een kwaadaardige, dronken soldaat. Ik was als jongen van 18 jaar eigenlijk te jong om mijn grote verantwoordelijkheid ten volle te beseffen. Dat zal straks wel blijken. Als men geslaagd is voor! sergeant, is men nog geen sergeant. Als men geslaagd is voor onderwijzer, is men nog geen onderwijzer. Geen sprake van. Dan heeft men wel de theoretische kennis, maar van de practijk weten we nog niets. Jonge onderwijzers en leiders die nog aan 't begin van jullie loopbaan staat, kruipt maar veel bij je oude collega's, en luister maar, veel luisteren. Dan kun je veel leren en je kunt daar winst mee doen. Die oude rotten hebben veel meegemaakt en beschikken over veel ervaringen.

De practijk maakt ons opvoeder. Dit wil niet zeggen dat je de theoretische kennis kunt missen, verre van dat. Maar practijk is en blijft hoofdzaak, omdat het hele leven practijk is. Ik zou met dit geval weer een practische les ontvangen. De vorige keer heb ik gezegd dat die practische lessen soms heel duur zijn. Dat was deze les ook bijna, want hij kostte mij bijna mijn leven. Ik zou een practische les ontvangen, hoe je een kwaadaardige, dronken soldaat naar de toilet moet brengen. Luister maar eens!

Vóórdat de marechaussee's vertrokken gaven ze mij de ernstige waarschuwing hem onder geen beding uit de cel te laten. Waarom gaven ze mij deze waarschuwing? Was dat, omdat ik nog zo piep-jong was? Ik weet het niet zeker, maar vermoed van wel.

Het duurde niet lang of S. wilde er uit. Hij moest naar de toilet, beweerde hij. Ik sloeg de waarschuwing van die marechaussee's in de wind en besloot S. maar even te laten gaan. Ik nam 2 flinke soldaten mee en zo togen we naar de cel. Nadat ik de 2 soldaten gewezen had op hun plicht, opende ik de deur en meteen stond

de woesteling op de gang buiten z'n cel. We moesten eerst een lange, vrij donkere gang door vóór dat we op de voorplaats waren van de kazerne. Ik liep voorop en achter mij de dronken soldaat met 2 man van de wacht. We waren ongeveer midden in de gang, toen ik Ipen angstig gevoel kreeg. Wat gebeurde er achter mij ? Ik deed nog nog een paar passen en keek toen schielijk achterom. Ik schrok. Waarom? Ik wist het niet, maar zag, dat S. een zeer verdachte beweging maakte. Wat was zijn opzet? Een zucht van verlichting slaakte ik toen we op de voorplaats stonden. Ik keerde mij plotseling om en snauwde hem toe: „Geef op wat je in je hand hebt." Hij reikte mij een groot open mes over. Wat er toen in mij omging kan ik moeilijk beschrijven maar ik voelde dat ik aan de dood was ontsnapt.

De practische les was afgelopen. Drie dingen had ik geleerd.

le. Sla nooit een wijze raad van een andere collega klakkeloos in de wind. Hij had mij de ernstige waarschuwing gegeven: , , Laat hem er niet uit vóór dat hij nuchter is." Hij had mij die waarschuwing gegeven voor mijn best wil maar ook voor het goede van die dronken soldaat. Het spreekwoord zegt: „Een gewaarschuwd man telt voor twee." Dit had ik moeten bedenken.

2e. Onze voorschriften geven precies aan, wat een arrestant in de cel bij zich mag hebben. Het was mijn verzuim geweest, hem eerst in 't bijzijn van de marechaussee te fouilleren. Was ik mijn voorschriften nagekomen, dan had S. nooit een mes bij zich kunnen hebben. Theoretisch wist ik dat wel, maar ik vergat het toe te passen.

3e. En dit was mijn grootste fout. Loop nooit vóór een arrestant maar altijd er achter. Dat staat, nu theoretisch nergens beschreven, maar de practijk had me dit goed aan mijn verstand gebracht. Ik heb bovenstaande fouten nooit meer gemaakt.

Ik moet mijn verhaal bekorten. S. werd weer in de cel gebracht en kwam er niet weer uit. De volgende morgen was hij nuchter en was hij weer de oude, kalme soldaat S. Ik deed de deur open en daar zat hij te schreien op z'n brits. Spijt van het gebeurde en een ziek lichaam. Hij dronk nooit, maar de ledigheid had hem parten gespeeld. Verkeerde kameraden gehad en van het ene was het andere gekomen. Ik vroeg hem wat zijn bedoeling was geweest met dat mes. Hij deed mij het navolgende verhaal.

Toen U voor liep in die gang, dacht ik dat U sergeant van E. was. Dit was een dpi. sergeant uit Vlissingen, en was voor de soldaten geen gemakkelijk heerschap. Toen o plotseling omkeek, schrok ik, want ik was juist van plan U neer te steken.

Nog veel meer is toen door ons in de cel besproken maar het was mij zeer duidelijk dat ik wonderlijk was bewaard. Wat zijn we het gauw vergeten hè? Het is net of het zo hoort. O, die drank, wat heeft die al een ellende veroorzaakt. Mag men dan geen glas wijn of enige andere drank? Dat zou ik niet durven beweren. Ik kan in Gods Woord niet vinden dat het drinken van sterke drank verboden is. Het is ook hiermee, het misbruik heft het gebruik niet op. Een ieder zij echter zeer, zeer matig. We dienen ons zelf hierin te kennen en het zich dronken drinken is zonde. We leven in een tijd dat het misbruik hoogtij viert. Mag ik daar nog even wat van zeggen? Weet U wel dat Nederland momenteel 25000 chronische alcoholisten heeft. Dat zijn dus 25000 mensen die verslaafd zijn aan de drank.

In 1947 heeft Nederland 520 millioen gulden uitgegeven aan alcoholische dranken. In 1948 is dat bedrag opgelopen tot 612 millioen gulden. Dat zijn getallen om van te duizelen. Wanneer we daarbij vergelijken hoe veel we voor 1949 uitgetrokken hebben voor ons onderwijs dan zult ge bemerken dat deze post maar 266 millioen gulden was. Dat is dus nog niet de helft. We hadden voor 612 millioen bijna 50.000 woningen van ƒ 12.500 kunnen bouwen. Is het niet verschrikkelijk. Waar gaan we met ons toch volk naar toe?

Niet in cijfers is echter uit te drukken, het onnoemelijke leed en de schade allereerst aan ons lichaam maar vooral ook aan het geestelijk en zedelijk welzijn van ons volk, door dit sterk toegenomen drankgebruik veroorzaakt. Ik zal maar niet opsommen wat verschrikkelijke gevolgen het drankmisbruik oplevert. Een ieder kan dit aanschouwen. De Heere beware en behoede ons ervoor.

„KRIJGSMAN".

MEDEDELING VAN DE SYNODALE COMMISSIE VOOR HET WERK ONDER DE MILITAIREN

Nu er weer vele jonge mensen, ook uit onze Gemeenten, in militaire dienst moeten, vestigt bovengenoemde Commissie er de aandacht op, dat bij weigering van vaccinatie het nodig is in het bezit te zijn van een verklaring, zoals deze is opgesteld door de Synodale Commissie in samenwerking met de Synodale Deputaten bij de Hoge Overheid.

Deze verklaring moet worden ingevuld door de kerkeraad en worden ondertekend door de plaatselijke predikant, als voorzitter van de kerkeraad en door de scriba.

Is de gemeente vacant, dan moet, behalve de voorzitter en de scriba, ook de consulent op de daarvoor aangegeven plaats tekenen.

Bij ieder formulier wordt ook een brief verstrekt voor de militair zelf. Hoewel deze formulieren dus uitsluitend door de kerkeraden mogen worden ingevuld, kunnen ze worden aangevraagd door de kerkeraden en door de belanghebbenden zelf.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 oktober 1950

Daniel | 12 Pagina's

VOOR ONZE Militairen

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 oktober 1950

Daniel | 12 Pagina's