JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

J.acobus Trigland

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

J.acobus Trigland

4 minuten leestijd

dr.)

Zo begon Trigland dus te twijfelen aan de waarheid van enige leerstukken, zoals die hem door de geleerden wai'en onderwezen. Deze twijfelingen waren niet ontsnapt aan de scherpziende ogen van zijn oversten en daarom achtten zij het nodig Trigland voor enige tijd in een andere omgeving te plaatsen. Daartoe werd hij met een opdracht naar Alb. Duyvense te Haarlem gezonden. Zo verliet hij de universiteit te Leuven om er nooit meer terug te keren.

Niettegenstaande Trigland twijfelde aan de waarheid van enige leerstukken, gevoelde hij zich toch een goed

zoon der kerk en was bereid tot onvoorwaardelijke gehoorzaamheid aan zijn oversten. Met zijn medestudenten had hij er ook niet over gesproken, zodat deze in het minste niet twijfelden aan zijn rechtzinnigheid. Een van zijn tijdgenoten schrijft: , , 't Gebeurde op een tijd, dat ik met Jacobus Trigelantius van Amstelredam te voet naar Haarlem ging; onderweg zijnde gingen we samen op een eilandje op onze knieën liggen, gekeerd zijnde naar de grote kerk van S. Bavo te Haarlem, alwaar onze overste was; gaven samen onszelve aan God en aan onze oversten over.

Maar droefelijk te beklagen is deze Jacobus: geen zes weken hierna verviel hij tot ketterij en werd eeri Calvinisten predikant te Amsterdam en daarna te Leiden. Mij dunkt, was er een stem uit de hemel gekomen, die gezegd had: één van u twee zal afvallen, zo zou ik niet voor hem, maar voor mijzelf gevreesd hebben."

In Holland vertoefde hij enige tijd bij zijn tantes in Gouda. Doch in deze streng roomse kring vond hij ook niet de zo vurig begeerde rust. Steeds maar overlegde hij bij zichzelf: „Indien een mens door zijn werken zich het heil kon verwerven, waartoe is dan Christus als verlosser en redder nodig geweest? " Toch meende hij nog altijd, dat de aanhangers van de leer van het Protestantisme evenzeer dwaalden als de voorstanders van de verdiensten der goede werken. Een lange, innerlijke strijd volgde en tenslotte stond het voor Trigland vast, „dat voor de zondaren geen ander heil overbleef dan in onze getrouwe Schepper, Jezus Christus, die het alleen uit genade en barmhartigheid aan hen uitdeelde; de goede werken moeten wij doen om ons dankbaar te betonen teg'enover onze barmhartige Verlosser." (Aldus Coccejus in „Oratio funebris.") Nu besluit Trigland dan ook de leer der Reformatoren te gaan onderzoeken. „Zo was hij reeds Gereformeerd, vóórdat hij de Gereformeerde leer kende, " zegt Coccejus. De roomse kerk probeerde hem met schone beloften tot terugkeer te verlokken, hetgeen evenwel niet gelukte. Bij zijn tantes mocht hij niet meer komen; die band was onherroepelijk verbroken. Gelukkig vond hij bij zijn ouders, die niet zó streng waren, een toevluchtsoord. De financiële omstandigheden van zijn ouders waren niet zo ruim, zodat Trigland uitziet naar een gelegenheid om in zijn onderhoud te voorzien. Hij besluit zich aan het onderwijs te wijden en hoopt daardoor dan ook gelegenheid te krijgen meer studie te maken van de Gereformeerde leer. Dit ging evenwel niet zo gemakkelijk. Tenslotte werd hij in 1602, op negentienjarige leeftijd dus, benoemd als rector van de school te Vianen. In die dagen was de bekende Selcart predikant te Vianen. Met hem kwam Trigland veel in aanraking en hij kreeg van ds Selcart de confessie van Beza, de Institutie van Calvijn en de Decades van Bullinger ter leen. Ijverig werden deze werken door Trigland bestudeerd. Het volgende jaar, legde hij voor ds Selcart zijn belijdenis af en ging hij voor het eerst ten avondmaal. Korte tijd daarna brak in Vianen de pest uit, waardoor de plaats schier ontvolkt werd en Trigland zo goed als geen leerlingen overhield.

Selcart raadde hem nu aan zich te bekwamen tot het leraarsambt. Trigland had evenwel bezwaren, omdat hij geen volledige academische opleiding genoten had. Tenslotte durfde hij toch de raad van Selcart niet in de wind te slaan en deed hij in 1606 examen voor de classis. Trigland werd echter afgewezen. Nu deed hij examen voor de classis Gouda en daar werd hij bevorderd tot candidaat. Al spoedig stond Selcart hem zijn kansel eens af. Op aandrang van Selcart werd Trigland beroepen door de gemeente van Stolwijk. Na volledig onderzoek maakte de classis geen bezwaar. In 1607 deed Trigland zijn intrede en trok hij met zijn vrouw naar Stolwijk. In 1604 was hij te Vianen gehuwd met Christina Stoof.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 oktober 1950

Daniel | 12 Pagina's

J.acobus Trigland

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 oktober 1950

Daniel | 12 Pagina's