Pinksterdag
Er vloeit voor Jezus' jong ren rijke zegen, nu hun Verlosser troont in 't Vaderland: Hij schenkt de HeiVge Geest hun tot een pand, door Zijn verzoeningsdood zo zwaar [verkregen.
Hoe zou het kunnen; , dat hun tongen zwegen? De vuurdoop steekt hun harten in de brand! Manmoedig staan ze, tartend smaad en schand, verkondigend Gods wonderbare wegen.
„O, mannen broeders, waarvan heil verwacht? Verslagen is ons hart, ontzetting grijpt ons aan, wij voelen onze schuld, waarmee ivij zijn [belaanf"
, , Bekeert u tot Hem, Die gij hebt veracht, gij zult de gave van de HeiVge Geest ontvaan, en wordt behouden van 'f verkeerd geslacht."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 juni 1950
Daniel | 8 Pagina's