JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Leer en Leven

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Leer en Leven

4 minuten leestijd

(7.)

I. Het Woord Gods. (f.)

Niemand minder dan Godzelf is SCHRIJVER van de Bijbel. Hij is de AUTEUR, die door Zijn Woord tot ons spreekt. Beluisteren wij echtfer daarin wel steeds Zijn stem, die tot ons klinkt in Wet en Evangelie? Dat Woord moet Richtsnoer zijn voor ons leven, waarnaar wij het geheel hebben in te richten. Met Goddelijk gezag treedt de Heilige Schrift ons tegemoet, omdat zij van Goddelijke oorsprong is, waarom wij er ons dan ook aan moeten onderwerpen. Onvoorwaardelijk!

Dit gezag houdt in:

1. Dat de Bijbel de enige regel is voor ons geloof en leven. Dat wil dus zeggen t.o.v. ons geloof, dat de Heilige Schrift alleen bepalen kan, wat ons nodig is om zalig te worden. Zij is dus de enige k e n-b r o n der Waarheid, het enige middel, waardoor de Heilige Geest het licht doet opgaan in de van nature duistere harten van Gods kinderen.

Is dat zaligmakend geloof eenmaal door Gods Geest in het hart van Gods uitverkorenen geplant, dan kan het niet anders, of het komt in de vrucht openbaar. Dan is er een hartelijke vreugde in God door Christus en lust en liefde om naar de wil van God in.' alle goede werken te leven. (H. C. Antw. 90) Wat dunkt U? Zal dan de Heilige Schrift niet een Leidraad zijn onder de beademing des Geestes bij de betrachting en onderhouding van Gods geboden? !

En al is de Christen vrij van de uitwendige gebruiken, die door de ceremoniële en burgerlijke wet aan Israël waren voorgeschreven, toch heeft de Schrift ook in de schaduwdienst een diepe achtergrond, daar alles heenwijst naar Christus, Die al de schaduwen vervuld heeft. Zodat de ganse Bijbel voor Gods volk een richt-

snoer wordt, waarnaar het niet alleen zijn natuurlijk leven, maar bovenal zijn geestelijk LEVEN" moet richten.

2. De Heilige Schrift is de toetssteen van alle leringen op het terrein van de godsdienst en tevens de Rechter inzake leergeschillen. Naar de Schrift moet over leringen en leraars geoordeeld, naar de Schrift moet bij twist over zaken van de godsdienst beslist en hetgeen tegen de Schrift strijdig is moet als dwaling verworpen worden! De Schrift is voor de Kerk, voor de Godgeleerdheid en voor ieder mens het hoogste WETBOEK en opperste tribunaal, de rechtbank in wier uitspraken men berusten moet.

Onze Nederlandse Geloofsbelijdenis zegt er van in Art. 7: Daarom verwerpen wij van ganser harte al wat met deze onfeilbare regel niet overeenkomt, gelijk ons de Apostelen geleerd hebben: eproeft de geesten, of zij uit God zijn, Joh. 4 : 1. Insgelijks: ndien iemand tot ulieden komt en deze leer niet brengt, ontvangt hem niet in huis. 2 Joh. 10.

De Bijbel is de Canon, de regel voor geloof en leven en daarom worden de Heilige Schriften canoniek genoemd.

Dat de Schrift met Goddelijk, d.i. met het hoogste en beslissende gezag bekleed is, was het uitgangspunt, het beginsel van het oorspronkelijk Protestantisme in haar strijd tegen het Rooms-Katholicisme. Rome leert immers, dat de Kerk aan de Schrift haar gezag verleent. 't Is juist omgekeerd!! Omdat de Schrift gezaghebbend is, omdat zij Gods Woord is, daarom moet de Kerk haar gezag erkennen. De Kerk is slechts de bode, die het schriftelijk bevel van de Koning overbrengt, opdat wij het zouden eerbiedigen en gehoorzamen. Let wel, het draagt 's Konings stempel en zegel. Wee hem, die de Koninklijke Boodschap in de wind slaat!!

Het grote Hervormingsbeginsel was: „Geen traditie, geen Pauselijk geloofsgezag, maar de Heilige Schrift alleen kenbron der zaligmakende Waarheid en rechtvaardiging en zaliging alleen uit genade door het geloof in Jezus Christus, zonder enige verdienste onzerzijds." Op dit beginsel werden ook in Nederland in de 16e eeuw de Gereformeerde Kerken gevestigd. De Hervormingsgezinden vonden hun geloof kenmerkend uitgedrukt in de 37 Artikelen, opgesteld door Guido de Bres, uitgegeven in 1561. Bij deze Belijdenis des Geloofs voegde zich in 1563 de Heidelbergse Catechismus, opgesteld door Zacharias Ursinus en Caspar Olevianus, op last van Frederik III, Keurvorst van de Paltz. Hoewel als leerboek bedoeld, werd de Catechismus Belijdenisschrift. In deze Belijdenisschriften werd de uitdrukking van het ware geloof gevonden, op grond der Heilige Schrift! Temidden van de druk dier tijden gevoelde de Kerk behoefte aan zulke Belijdenisschriften! Er was een honger naar het Woord des Levens, een verlangen naar „De Enige Troost", zodat zij begerig haar hand naar deze gouden kleinodiën uitstrekte.

Op de Nationale Synode te Dordrecht van 1618/19 zijn bovengenoemde Belijdenisschriften erkend en tezamen met de 5 Art. tegen de Remonstranten vormen zij de Drie Formulieren van Enigheid (Eenheid), waaraan de Kerk zich dient te houden. Ze geven aan de Kerk een eigen merk en stempel. En deze symbolen, in de strijd geboren, getuigen van een krachtig geloof, door Gods Geest aan onze Vaderen verleend. Ze zijn nog niet verouderd en hebben nog niet afgedaan.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 10 maart 1950

Daniel | 8 Pagina's

Leer en Leven

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 10 maart 1950

Daniel | 8 Pagina's