GEWIJDE GESCHIEDENIS N.T.
Matth. 26 - Mare. 14 - Luc. 22 - Joh. 18.
Gethsémané
I. De aard van het lijden des Heeren.
II. De zwaarte van het lijden des Heeren.
III. De ondersteuning in het lijden des Heeren.
Met een lofzang op de lippen is Christus vrijwilligde lijdensweg opgegaan.
Satan heeft alles geprobeerd om Hem van die lijdensweg af te lokken.
Aan het einde van die bange weg ligt Golgotha met al zijn verschrikkingen. Maar aan het einde van die weg ligt ook de overwinning over de zonde en over de hel.
Eerst moet Christus echter naar Gethsémané. Gethsémané wil zeggen: olijvenpers.
Gethsémané was een hof aan de voet van de Olijfberg.
Hierheen ging Jezus vaak met Zijn discipelen. Het was ook voor Judas een bekende plaats. Het lijden van Gethsémané is anders dan het lijden op Golgotha.
Hier moet de Zoon gehoorzaamheid leren.
Zijn heilige menselijke natuur ziet tegen het lijden op. Om zijn eigen zonde behoeft Hij niet te lijden. Hij is heilig, onnozel, onbesmet en afgescheiden van de zondaren.
Als de Vader Hem de bittere lijdensbeker ter hand stelt, met al de helse verschrikkingen, dan bidt Hij, of het niet mogelijk is, dat die bittere beker Hem zal voorbijgaan.
Aan de ingang van de hof gekomen, laat Hij Zijn discipelen achter.
Alleen de twee zonen van Zebedeüs en Petrus gaan verder met Hem de hof in.
Op een steenworp afstand van deze drie getuigen begint de strijd.
Hij is waarachtig mens en schrikt voor het vreselijke van dat lijden terug.
Zijn zweet wordt gelijk grote droppelen bloeds. Laten we toch niet lichtvaardig over de zonde spreken.
Het heeft die dierbare Borg bloed gekost.
Als waarachtig mens heeft Hij behoefte aan Zijn discipelen, die helaas vanwege hun zwakheid niet één uur kunnen waken. Hij heeft de pers alleen getreden. Op Zijn drievoudige smeking heeft Hij verhoring ontvangen.
Neen, niet in die zin dat de lijdensbeker Hem werd gespaard, maar in die zin, dat Hij verhoord werd uit de vreze.
God heeft door het zenden van een engel de angst weggenomen zodat Hij stil en rustig het bittere lijden kon ondergaan.
De vreze was een deel van Zijn lijden.
Hij lijdt om te ljjden.
£)e martelaren gingen zingend de brandstapel op. Maar Christus is geen martelaar, maar de Middelaar Gods en der mensen.
Dat de martelaren blijmoedig het lijden tegemoet konden gaan is een vrucht van het lijden in Gethsémané.
Die blijmoedigheid heeft Hij verworven door Zijn onuitsprekelijke angst en helse verschrikking. „Wij steken het hoofd omhoog en zullen de eerkroon dragen, door U, door U alleen."
Hier in Gethsémané gevoelt de Borg de gloed van Gods eeuwige toorn, de gloed van de hel.
Wat Hij in Gethsémané geleden heeft is met geen pen te schrijven.
Met ons dieplood kunnen wij de oceaan van Zijn lijden niet peilen.
Nu niet en nooit.
In Gethsémané heeft Christus vooruitgevoeld Hij straks op Golgotha zou moeten lijden.
De Heere leidt Zijn volk wel eens in dat heiligdom des lijdens in.
Dan leren ze verstaan wat de dichter zong in Ps. 116: „Ik lag gekneld in banden van de dood, daar de angst der hel mij alle troost deed missen."
Maar de Heere laat ook in die duisternis het licht opgaan: „Zie het Lam Gods, dat de zonde der wereld wegneemt."
Tegenover die zwarte achtergrond blinkt de parel van grote waarde des te helderder.
Wat is die Borg groot en dierbaar ook in Zijn lijden en wat zijn de discipelen klein.
Na de storm komt de stilte.
Als de bende komt met Judas aan het hoofd, geeft Hij zich gewillig over, nadat Hij echter heeft laten zien, dat Hij machtig is om Zijn tegenstanders neer te werpen.
Omdat Christus de beker heeft aanvaard, moet Petrus zijn zwaard in de schede steken.
Het zwaard der gerechtigheid ontwaakt tegen de Herder, en de schapen zullen verstrooid worden, maar op grond van Zijn overgave zullen de schapen straks weer vergaderd worden en het zal worden één kudde, onder één Herder.
Een kudde die straks tenvolle zal verstaan: „Gij zjjt duur gekocht" en die door genade hier al mogen zingen:
„Een stroom van ongerechtigheden, Had de overhand op mij, Maar ons weerspannig overtreden, Verzoent en zuivert Gij".
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 november 1949
Daniel | 8 Pagina's