ALEXANDER COMRIE
(VII.) Zijn geschriften (2.)
Tot de overige praktikale werken van Comrie behoren nog;
2. „Het A. B. C. des Geloofs of Verhandeling van de benamingen des zaligmakende Geloofs volgens de letters van het alphabet." Als aanleiding tot het schrijven van dit werk, zegt Comrie: „Ik moet maar zeggen,
dat wij bij onze komst onder u, bespeurende, dat velen wanstaltige gedachten van het geloof hadden, even als of het alleen in een daad van aannemen van Christus bestond; in het jaar 1736 de benamingen van het geloof ging verhandelen, om u te doen zien, dat Gods geest het geloof onder vele benamingen voorstelt, om dat kleinen, die het niet onder de ene benaming kennen, het onder de andere zouden kunnen verstaan."
Feitelijk is het „A.B.C. des Geloofs" een bundel preken, waar van elke leerrede de inleiding, het verband en de toepassing is weggelaten. Toch was het niet de bedoeling van Comrie deze preken uit te geven. Op aandrang van zijn hoorders en vooral van zijn vrouw is Comrie er toch toe overgegaan.
Comrie er toch toe overgegaan. 3. „Verhandeling van enige eigenschappen des Zaligmakende Geloofs."
Dit werk heeft Comrie opgedragen aan de „zeer geliefde en waarde gemeente van Woubrugge." In een veertiental leerredenen beschrijft Comrie de natuur en de eigenschappen van het geloof. Door „De Banier" is dit werk opnieuw uitgegeven.
4. „Verzameling van Leerredenen." Daar de kerken in Nederland steeds meer achteruit gingen, de zedeloosheid toenam en de ketterijen meer en meer inslopen, trad Comrie op als boetprediker, die de hoorders terug riep naar het Woord Gods. „Vele andere oorzaken van dodigheid konden wij en waren wij voornemens op te tellen; maar wij verzoeken onze aandachtige Lezers en Hoorders te lezen: Lodenstein, Fruytier, Witsius, Saldenus."
Fruytier, Witsius, Saldenus." Een tiental onderwerpen worden door Comrie in deze „Leerredenen" behandeld. Scherp hekelt hij de misbruiken, die in de gemeente waren ingeslopen.
ken, die in de gemeente waren ingeslopen. Als hij over het gebed handelt, zegt Comrie: „De oneerbiedigheid is uitermate groot. Geen blijk is er bijna van ontzag voor de heerlijke majesteit Gods; geen de minste blijk van gevoel van ellende, die op het harte drukt. De een zegt de gebeden, die hij van buiten geleerd heeft, op. De andere zegt de waarheden van de Theologie op, even als God van de Godzaligheid onkundig was. God kent de praktikale, zo wel als de stellige Godgeleerdheid. Wij moeten onze begeertens bekend maken: „bidden is begeren."
Doch Comrie geeft niet alleen critiek. Uitvoerig handelt hij over de voorbereiding tot het gebed. Hij dringt er op aan dagelijlks één uur af te zonderen voor het gebed. „Mijn vrienden, is dan een uurtje op gezette tijden des daags te veel om voor een eeuwigheid te zorgen, voor de welstand van zijn onsterfelijke geest zorg te dragen? "
Ook wijst Comrie er op, dat men zal bidden, om hetgeen men gevoelt van node te hebben. „Indien wij niet meer in onze gebeden voorstelden, als het geen wij missen en waar van wij gevoelige bewustheid dragen, wij zouden zulke langwijlige gebeden niet hebben, ja wij zouden zo veel verandering van uitdrukkingen en zaken niet hebben, maar meer als driemaal met de Zaligmaker om een en dezelve zaak bidden."
„De beste orde in het gebed is, dat wij onze gedachten zoeken bestierd te krijgen door Gods Geest, na de# leiding van het gebed des Heeren. En belangende een ijdel verhaal van woorden, wij keui'en dat gans af in de zin, waarin de Zaligmaker het afkeurt, namelijk als de mensen zouden denken om de veelheid der woorden en de herhaling van dezelve uitdrukkingen te zullen verhoord worden. Leest de Psalmen, overdenkt het gebed Christi, en vreest dat gij niet onder die bevonden wordt, die haar vleselijke wijsheid aanleggen om de gebeden der heiligen te bespotten."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 7 oktober 1949
Daniel | 8 Pagina's