JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Van het zendingsveld

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Van het zendingsveld

4 minuten leestijd

(21.) Zending in Nieuw-Nederland II.

Wanneer de ware zendingsijver aanwezig is, wat worden dan allerhande moeilijkheden moedig overwonnen. Dan worden de hitte des daags en de koude des nachts met blijdschap doorstaan, ziende op het heerlijke doel, en de grote bezwaren worden licht geacht.

Zo verging het ook David Brainerd. Zie hem daar slapen, na een vermoeiende dag, in een eigengebouwde hut op een strozak, temidden van de Indianen. Zie hem daar zijn ontbijt gebruiken: 't bestaat slechts uit maïspap. Wat een eenvoudige levenswijze! En dan te bedenken dat Brainerd uit een aanzienlijke familie was geboren.

Ruim een jaar arbeidde hij in de omgeving van Albany, ijverig Gods Woord predikend, door leer en leven de Roodhuiden trachtend te winnen voor het Koninkrijk Gods. Tijdens dit jaar had hij best van levenswijze kunnen veranderen, want van verschillende zijden werd hij beroepen in reeds gevestigde gemeenten.

In 1745 kwam verandering. Door de Schotse Zendingsvereniging (dus niet door de Kerk, zoals het gebruik moest zijn) werd hij uitgezonden naar de Indianen in de buurt van Freehold.

Hier begon zijn eigenlijke zendingsarbeid. Welk een gver legde hij aan de dag; hoe stichtte hij door een godzalig leven; hoe leefde hij mee bij ziekte en sterfgevallen onder zijn medemensen. Eén zaak bezielde hem slechts: de uitbreiding van Gods Koninkrijk. Het scheen wel, dat hij wist, dat hem slechts een korte arbeidstijd was gegund.

Meestal predikte hij, bijgestaan door een taalman. En zijn ijverig werken werd gezegend. De Heere wrocht mee. De Indianen werden overtuigd, dat het Woord, door Brainerd gebracht, de Waarheid was. Zij lieten zich dopen en brachten ook hun kinderen om het sacrament te mogen ontvangen.

We moeten echter niet denken dat dit alles gemakkelijk verliep. Neen, grote moeilijkheden stapelden zich vaak op. Aan grote gevaren stond de zendeling bloot, want niet allemaal konden ze de „blanke man" dulden. En toch, onversaagd ging Brainerd zijn weg, vast overtuigd dat hij was, dat God hem hier zijn werkplaats had gegeven.

In die tijd kwam hy in kennis met dominee Edwards, die in Northampton stond. Er werden banden gelegd tussen die twee. Eigenaardig dat de zendeling David heette en de predikantsnaam Jonathan was. Of de vriendschap zó innig was als tussen David en Jonathan uit de Bijbel is ons niet bekend. Wel weten we, dat er een innige vriendschap ontstond tussen de zendeling en Edwards dochter. De afspraak werd gemaakt dat na verloop van tijd David met de predikantsdochter in het huwelijk zou treden.

Helaas zou dit nooit plaats mogen hebben. Al enige tijd klaagde de zendeling over vermoeidheid, die door de slaap niet werd weggenomen. De omstanders zagen wel dat het met de ijverige werker niet goed ging. Ze gingen vrezen dat hij de tering had. Zienderogen vermagerde hij en toch ging hij, schier boven vermogen, met zijn werk verder. Tenslotte moest hij zwichten voor de kwaal die hij onder zijn leden had. In Maart van het jaar 1747 kon hij niet meer. Gans uitgeput kwam hij in de pastorie te Northampton. Daar zou hij volstrekte rust nemen. Maar die rust bracht geen beterschap. Langzaamaan werd het lichaam gesloopt, zoals bij die ziekte in vroeger eeuwen het gewone verloop was.

Hoe zwaar was de weg voor Brainerd. Zijn gedachten gingen uit naar zijn arbeidsveld; naar de gelovigen onder de Indianen, die door zijn prediking tot het geloof waren gebracht. Maar gelukkig werd die last, die hem drukte, bij tijden weggenomen en was zijn verlangen slechts om God te mogen verheerlijken. Wat gaf hij dan blijken van innige godsvrucht.

Toen ook nog verschrikkelijke pijnen zijn zwakke lichaam kwamen afmatten, wenste hij liever ontbonden te wezen en met Christus te zijn, niet vanwege de smarten van 't lichaam alleen, maar ook omdat hij wel wist, dat geen beterschap meer zou volgen.

Begin October van 1747 gevoelde hij dat de tijd zijner ontbinding niet ver meer af was. „O, nu komt de heerlijke tijd, " zo riep hij uit. „Lang heb ik begeerd om God volmaakt te dienen. Nu gaat God die begeerte vervul-* len." De 9de October kwam die vervulling. David Brainerd was niet meer. Hij had de dertig jaren nog niet bereikt. Zijn arbeid onder de Indianen werd door zgn

broer Jan voortgezet. Dominee Erwards beschreef zijn leven. Dit werk werd een middel dat velen meer voor de zending gingen gevoelen en de noodzakelijkheid van de prediking onder de heidenen meer werd ingezien.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 augustus 1949

Daniel | 8 Pagina's

Van het zendingsveld

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 augustus 1949

Daniel | 8 Pagina's