VAN HET Zendingsveld
(10.)
Het Evangelie in Bulgarije.
„De aarde zal vol kennis des Heeren zijn, gelijk de wateren de bodem der zee bedekken, " zo riep Jesaja uit tot het volk van Juda, waaronder hij profeteerde. Het Evangelie zou zijn als een opkomende vloed: wat daareven nog droog was, is nu overspoeld door water. Ezechiël zag de wateren vlieten; eerst kwamen ze tot de enkelen, daarna tot de knieën, vervolgens tot aan de lenden, totdat het tenslotte werden hoge wateren, waar men door zwemmen moest. De Heere maakt Zijn Woord waar. De aarde zou vol kennis des Heeren worden, en de Heere Zelf zou daar voor zorgen. Naar Zijn voornemen zou alles geschieden. Verscheidene landen bleven lange tijd in de duisternis van het heidendom, andere streken werden vroeg reeds beschenen door het licht van het Evangelie. De Heere werkt souverein. Niemand kan tot Hem zeggen: Wat doet Gij?
Ook plant de Heere Zijn kerk ergens om straks de kandelaar weer van zijn plaats te weren. Zo zien we in de geschiedenis der zending volken'begiftigd worden met de verkondiging van 's Heeren Woord en later zien we nauwelijks de sporen nog over van de grote weldaden eertijds genoten. Een bekend voorbeeld hiervan leveren de zeven gemeenten in Klein-Azië.
Toen Ansgar in het noorden van ons werelddeel de banier van het Evangelie ontplooide, was ook de tijd gekomen dat de Heere onder de Bulgaren in Oost-Europa ging werken, 't Ging wonderlijk. De Heere werkt door wegen, die wij niet zouden uitgedacht hebben. Bogaris, de koning der Bulgaren, was een lichtzinnig vorst. In 850 komt zijn zuster terug van Constantinopel. In deze stad had ze geruime tijd als krijgsgevangene moeten vertoeven. We moeten bedenken, dat we in de Middeleeuwen zijn, een tijd van veel verwarring en ruw geweld. Bij twisten tussen volkjes onderling werden meestal vrouwen en kinderen meegevoerd als slaven. Maar welk een gezegende wegvoering voor Bogaris' zuster! In Constantinopel komt ze in aanraking met het Christendom en zulk een invloed heeft die leer op haar dat ze overtuigd wor-dt dat dit de ware leer, de zuivere godsdienst is. Hoe gans anders komt het mens bij haar broer terug dan ze is heengegaan! Ze kan over Christus niet zwijgen. Haar broer moet ook worden overtuigd van het heil dat alleen in Christus te vinden is. Helaas, het is ploegen op de rotsen. Bogaris' hart blijft gesloten, hoe veel en welgemeend de pogingen ook zijn om het in te winnen voor het Christendom.
Wat doet de Heere? Als het zachte kloppen aan het hart niet helpt, dan gaat Hij harder slaan. Onder Bogaris' volk gaat de pestilentie woeden met de allerverschrikkelijkste gevolgen. Bovendien teistert hongersnood het land. Daar zit de koning. Wat moest hij doen ? Als Felix wordt hij bevreesd en het gevolg is, dat een zendeling moet komen om het Christendom te brengen. Methodius, geboortig uit Thessalonica, komt en doet zijn zendingsarbeid trouw. Hij poogt de koning te overreden van de waarheid van Christus' leer. Maar toch, de koning zwicht nog niet. Wat is het Woord van God zonder de werking van de Heilige Geest? Methodius kan Bogaris' hart niet overbuigen.
Ziet nu echter welke wondere middelen God gebruikt. Behalve prediken kan de zendeling nog meer. Hij bezit de gave van schilderen. Als Bogaris dit merkt, verzoekt hij de zendeling om een jachttafereel op het doek te brengen. Methodius gaat aan 't werk. Na enige tijd is het schilderstuk klaar en de koning wordt het getoond. Maar wat ontstelt Bogaris! Inplaats van honden en jagers te paard achter wegvluchtend wild, ziet hij vluchtende mensen, in doodsangst hun aangezicht verbergend, uitziende naar de bergen en heuvels. Vanwaar die grote schrik en die bange vlucht? Hij ziet het: Hij korflt met de wolken en alle oog zal Hem zien! Methodius had de oordeelsdag op het doek afgebeeld. Wat maakte dit gezicht een diepe indruk op de koning der Bulgaren! Meer dan de prediking vermocht, werkte nu het schilderstuk uit: de koning liet zich dopen. Een groot deel van zijn volk volgde het voorbeeld. Later, wat jammer was, werd met geweld gewerkt om het ganse volk tot het Christendom te brengen, niet denkend aan het woord des Heeren: „Niet door kracht, noch door geweld, maar door Mijn Geest zal het geschieden."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 januari 1949
Daniel | 8 Pagina's