VOOR ONZE Militairen
Onze Samenkomsten.
Jongens, we leven in een zeer ernstige tijd. Het ergste is, dat we dit niet ten volle beseffen en w r at erger is niet willen bekennen. De afval en het verval is, vooi' diegene die het wil op merken, op allerlei terrein des levens waar te nemen. Maatschappij, gezin, kerk en school zijn in diep verval. Het gaat met alles snel bergafwaarts. De Gog en Magog vieren hoogtij. Om het minste en geringste slaat ons volk aan 't feesten. Iedere gelegenheid wordt aangegrepen om onze feestwocde te laten botvieren.
„Laat ons eten en drinken, want morgen sterven wij" dat is de roep van ons volk. Arm Nederland, dat met rasse schreden zijn ondergang tegemoet gaat, indien het zich niet bekeert. Bioscopen, voetbalterreinen en schouwburgen zitten-tjokvol. En dat in een tijd dat God met Zijn oordelen op aarde is. De regeringen van aiie landen weten het niet meer. Het ene gat wordt met het andere gestopt. Allerwege heerst een schijnwelvaart en een ieder gevoelt, dat het zo niet kan blijven. Van een weerkeren tot de God onzer Vaderen is geen sprake. Humanisme en nog eens humanisme slaat de klok. Verdraagzaam moet men zijn en niet te scherp. Elkaar niet kwetsen. En dat in een land waaraan God zulke grote wonderen heeft verricht. Wat zal het ons zwaar vallen indien God met Zijn oordelen döortrekt. Slechts enkele jaren scheiden ons van die verschrikkelijke oorlog. 210.000 'doden heeft het ons gekost. Wie staat hier nog bij stil ? Wij lezen het en daarmee is het uit. Wat een zee van verdriet ligt achter dit cijfer. Het maakt op ons geen indruk meer. Het is bij velen zelfs zo erg dat men zonder het minste gevoel vertelt dat vader, moeder, broer of zuster gevallen zijn. Is het niet vreselijk! Heeft God ons volk aan de verharding overgegeven? O, jongens, behoud toch een tere consciëntie. Zo weinig bespeuren we nog niets van die ware naastenliefde. Over 40 doden bij de K.L.M. wordt niet meer gesproken. We geraken aan alles gewoon. Moeten w r e dan onder al deze dingen gebukt gaan? Het ware te wensen. Ik geloof dat ons volk er beter aan toe zou zijn dan nu het geval is. Komen we op het terrein van het gezin, het is daar al niet beter. In vele gezinnen heersen de kinderen inplaats van de ouders. Vaders en moeders zijn nog nodig voor kleine kinderen, maar kinderen van 17 en 18 jaar wanen vader en moeder niet meer nodig te hebben. Allemaal dingen die rechtstreeks indruisen tegen Gods Woord. Ik ontmoet wel jongens, die in 4 of 5 weken niet met verlof zijn geweest, omreden ze onenigheid hadden met vader of moeder. Zijn er onder mijn lezers of lezeressen ook die hieraan schuldig staan? Maak het in orde jongens of meisjes. Daar zou een tijd kunnen aanbreken, dat het te laat is. Dan is het onherstelbaar te laat. Ik heb een godzalige vader gekend, die had in zijn jeugd zijn moeder eens geplaagd. O, wat een berouw hacl die man hierover. Menigmaal heeft'hij het mij verteld, dat hij zijn moederwel uit het graf wilde halen om haar vergeving te vragen. Hebben wij onze ouders geen vergeving te vragen kinderen? Doe het dan spoedig en stel het niet uit. Droevig is het ook op kerkelijk terrein. Alles is ook daar als met een rouwfloers bedekt. Het oordeel begint
bij het. huis Gods. Daar gaat geen kracht meer uit van Gods volk. Het ware volk zwijgt en dat is een bang teken. Velen staan op en roepen: „hier is de Christus", maar Hij w 7 ordt er niet gevonden. Ik krijg van verschillende jongens brieven over de veldpredikers en over onze samenkomsten. Velen vragen mij, wat is beter Krijgsman, naar onze-eigen samenkomsten te gaan of naar de samenkomsten van de veldprediker. Er komen dan allerlei menselijke gevoelens naar voren en dan zitten die jongens in een draaikolk van verwarring. Jongens het is toch allemaal zo eenvoudig als we Gods Woord maar laten beslissen. Geen menselijke gevoeligheden komen bij God in aanmerking. Bedenk dit wel.
Wat zegt dan Gods Woord over onze samenkomsten. Ik zou zeggen jongens, Gods Woord staat er vol van. Lees maar eens Hooglied 1. Daar lees ik: „Zeg mij aan, Gij, Dien mijne ziel liefheeft, waar Gij weidt, waar Gij de kudde legert in den middag"; en in vers 8: „Indien gij het niet weet, o gij schoonste onder de vrouwen, zo ga uit op de voetstappen der schapen, en weid uwe geiten bij de woningen der herderen". Daar moet je dus weiden, jongens! Op de voetstappen der schapen bij de woningen der herderen. Begeef je dus niet onder dwaalleringen, maar houd je bij de beproefde bevindelijke Waarheid. Ga niet af op een schone rede of een mooie voorwerpelijke verklaring, waarbij het echte bevindelijke leven wordt gemist. Ik zal de laatste zijn om te oordelen over de veldpredikers. Dat komt mij niet toe. Dat zal God wel doen.
Anderzijds voel ik me wel geroepen om jullie af te manen van alle ijdele leer en fabelen. Ik moge een ieder aanraden zich neer te zetten onder de leer, die naar de Godzaligheid is. Vele geesten zijn uitgegaan, maar hoe zullen ze Gods Woord verkondigen, zo ze niet gezonden zijn? Velen brengen een leer van je moet maar geloven en je moet maar aannemen. Terwijl Gods Woord zegt, dat het geloof een gave Gods is en de mens van nature dood in zonden en misdaden ligt. Volkomen onwillig en onmachtig om het ware Zaligmakende Geloof aan te nemen, tenzij de Heilige Geest er een mens voor komt in te winnen. Het gaat om ons eeuwig zieleheil, jongens, en dat heeft meer waarde dan al ons aards geluk of heil. Ziel bedrogen is al bedrogen. Schuw die leer van maar aannemen als de pest, want je zult er voor eeuwig bedrogen mee uitkomen. Draag liever alle smaad en hoon, want je zult er geen zegen op kunnen verwachten. Beproef de geesten of ze uit God zijn.
Ons volk wordt al genoeg naar de bloemhoven gejaagd. Een ieder onderzoeke ernstig waar de kudde is gelegerd op de' middag. Een ieder, die hongert en dorstnaar dat brood en water des Hemels, kan niet verzadigd worden in een mooie, maar dorre woestijn. Het laat niets na. Vele predikers brengen de veronderstelde wedergeboorte. Daar valt niets te veronderstellen jongens. Het geloof is een vaststaand feit. De uitverkiezing loochent men. Jacob heb Ik liefgehad en Ezau heb Ik gehaat. Dat is een leer, rechtstreeks tegen het humanisme van deze tijd. Zet U niet onder zulk een prediking. Het is zielsbedervend en zielsmisleidend. Men doet beter te luisteren naar die verkondiging van Gods Woord waarin God op het hoogst wordt verheèrlijkt en de mens op het diepst wordt vernederd. Het zal met een misschien of met een veronderstelling niet gaan. Daar zijn jongens, die schrijven: Krijgsman, onze veldprediker gaat wel niet zo diep als onze dominees, maar hij preekt toch geen leugens. Jongens, het gaat niet om het diepe. Het gaat om de ware, de zuivere verkondiging van Gods Woord. Ik moge jullie waarschuwen, ernstig waarschuwen, om je niet neer te zetten onder allerlei wind van leer. Daar zijn predikers, waaronder wij niet thuis horen. Wacht U voor dezulken, want het is de druppel, die de steen uitholt. Dit is geen kerkje spelen hoor, want ik zou niet graag durven en willen beweren dat de zuivere Waarheid alleen verkondigd wordt in de Geref. Gemeenten, maar anderzijds schroom ik niet jullie te waarschuwen, op je hoede te zijn. We reizen allen naar de eeuwigheid jongens en dat reizen doen we niet samen maar ieder persoonlijk. Het is een persoonlijke zaak. Ziedaar jongens, daar heb je mijn mening.
Verzuim onze samenkomsten niet, wie weet, de Heere mocht nog eens in jullie midden willen komen. Waar twee of drie in Mijnen Naam vergaderd zijn, daar Vil Ik in het midden zijn. Het zou een eeuwig, onverdiend voorrecht zijn. De Heere zij jullie goed en nabij in deze
— vooral voor jullie — bange en ernstige tijden. De hartelijke groeten en Gode bevolen van,
„KRIJGSMAN".
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 december 1948
Daniel | 8 Pagina's