JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

WERKEN VOLGENS EEN VAST PLAN (2.)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

WERKEN VOLGENS EEN VAST PLAN (2.)

4 minuten leestijd

In dit tweede artikeltje dan enkele aanwijzingen voor het opstellen van een rooster van werkzaamheden voor de J.V.

Vóór de pauze behandelen we natuurlijk de Gewijde Geschiedenis. Daarvan wijken we niet af. Men kan (op dezelfde manier als de schetsen van ds. de Blois in ons orgaan verschijnen) om de andere week Oude en Nieuwe Testament behandelen. Men kan ook een aantal onderwerpen uit het Oude Testament laten afwisselen met een aantal onderwerpen uit het Nieuwe Testament. Zo'n serie onderwerpen vormt soms een geheel, dat men liever niet afbreekt om het verband in de behandeling niet te veel te verliezen.

Indien men bang is dat er te weinig ruimte is voor de onderwerpen van Geloofsleer na de pauze, omdat er dan reeds zoveel „vakken" zijn, is er m.i. niets op tegen om bijv. ééns per maand het onderwerp vóór de pauze hieraan te wijden. Men is immers met deze onderwerpen ook geheel op het terrein van de Bijbel zelf en we moeten er een vaste gewoonte van maken dat deze onderwerpen hieraan gewijd zijn.

Vóór de pauze .leren we dan het wapen hanteren

van: „Er staat geschied". geschreven", na de pauze van: „Er Is

De onderwerpen na de pauze worden hoofdzakelijk genomen uit de Vaderlandse en de Kerkgeschiedenis. Men kan weer de methode volgen, deze om de andere week te laten afwisselen, maar vooral hier lijkt het me beter, tijdperken te nemen en deze achter elkaar af te handelen. Dit temeer omdat er ook nog plaats moet zijn voor enkele maatschappelijke onderwerpen en voor onderwerpen uit de Zendingsgeschiedenis. Omdat we voor deze beide laatste „vakken" geen eigen leidraden hebben, kan hier moeilijk systematisch gewerkt worden. Hier ligt de stof voor de zgn. vrije onderwerpen, waarover hieronder nog iets meer.

Elk bestuur weet wel, hoe groot ongeveer het aantal wekelijkse vergaderingen is, dat in een seizoen gehouden wordt. Dat hangt af van de plaatselijke omstandigheden. Laat ik uitgaan van 35 wekelijkse vergaderingen in een seizoen. Dat moet toch wel het minste zijn. Laten we niet te vroeg op „zomerreces" gaan. Het wordt meestal zo laat in het najaar eer we weer op gang 'komen.

Het bestuur moet dus allereerst op het rooster plaatsen:35 onderwerpen Gewijde Geschiedenis, eventueel Geloofsleer hieronder begrepen. (Zie hierboven.)

Voorts komen er ongeveer 15 onderwerpen uit de Vad. en 15 uit de Kerkgeschiedenis. Het gaat hier niet om één meer of minder, hoofdzaak is, dat er enigszins afgeronde tijdperken behandeld worden. ,

Zodoende laat het rooster na de pauze nog ruimte voor een-5-tal vrije onderwerpen. Dit „vrije" moet toch vooral niet zo opgevat worden, dat op een zekere avond een lid komt aandragen met een onderwerp dat hij graag wil behandelen omdat hij daar iets over gelezen heeft. M.i. moet het bestuur deze eis stellen: Wil een lid een vrij onderwerp behandelen, dan moet dat mins-' tens een maand van tevoren bij het bestuur opgegeven worden. Het mag geen onderwerp zijn uit de „vakken" die systematisch aan de orde komen, maar moet buiten deze terreinen liggen. Dus: uit de Zendingsgeschiedenis eens een onderwerp; voorts onderwerpen als: Lijkverbranding, Doodstraf, Bijbelvertalingen, Bijbelhandschriften, het Lectuurvraagstuk enz. enz. Het bestuur kan ook zulke vrije onderwerpen (als het de behandeling daarvan urgent acht), op de agenda plaatsen.

Dan moeten de leden, die de onderwerpen inleiden zullen, aangewezen worden. Dat kan niet voor het hele seizoen tegelijk geschieden, zoiets loopt toch fout. Beter is, ervoor te zorgen, dat de leden het bijv. een maand van tevoren weten. De leden moeten er goed van doordrongen zijn, dat ze de opgelegde verplichting hebben na te komen.

Bij de keuze van de inleiders houde het bestuur zoveel mogelijk rekening met de moeilijkheidsgraad van de onderwerpen. Er worde voor gezorgd, dat de leden van allerlei „vakken" een beurt krijgen.

Tenslotte nog dit. Laat het bestuur trachten aan te moedigen, dat alle leden aan de besp»eking deelnemen. Dat moet niet steeds een bepaald kringetje van de leden zijn, terwijl de rest toehoorder is. Veel hangt hier van de voorzitter af, op wiens schouders wel een zware taak ligt.

Laten alle J.V.-ërs zich voornemen er het hunne toe bij te dragen dat de arbeid op de J.V. zo goed mogelijk gebeurt, opdat ze geoefend mogen worden in de kennis van Gods Woord en van de geschiedenis en niet beschaamd zullen worden als ze met de vijanden spreken zullen in de poort. (Ps. 127.)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 april 1948

Daniel | 8 Pagina's

WERKEN VOLGENS EEN VAST PLAN (2.)

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 april 1948

Daniel | 8 Pagina's