JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Briefwisseling mef mijn jonge vrienden

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Briefwisseling mef mijn jonge vrienden

5 minuten leestijd

Waarde jonge Vriend,

De stukjes over huwelijk en verloving gaven je aanleiding om aan Baruch te schrijven, en je hart uit te storten. Je wilt daarover liefst een persoonlijk schrijven. Maar Baruch is zo bezet met werk, dat hij niet dan bij uitzondering tijd daarvoor heeft. De boze lusten onzes vleeses.

Wal heeft de zonde ons van de rechte blijdschap, van hel echte leven beroofd! Ons dienstbaar gemaakt: ienstknechten der zonde, terwijl ons vrijheid wordt beloofd. Je bent verloofd, je voelt de noodzaak van te trouwen. Je beseft, dat je nog niet gehuwd b& nt: og niet één-vlees. Je kunt niet mee met een godsdienstige beschouwing, welke de menselijke ordeningen, waaraan ons bevolen wordt onderdanig te zijn (t Pelr. '2 : 13) opzijzet. De doperse stroom loch verwart hier de eerbaarheid, die God onder de mensen gesteld (art. 36 N.G-B. slot). heefl(

De gelegenheid voor een huwelijk is voor jelui nog niet aangebroken. Ja, de omstandigheden, waarin ons land verkeert, maken hel in het algemeen zeer moeilijk voor velen, om op een gewenste tijd tol een huwelijk te komen. Dat veroorzaakt een grote huwelijksnood.

En nu komen de onkuise lusten boven. Je bidt en worstelt daartegen, en bent overtuigd, dat. zo de Heere geen tegenweer geeft, je zeker zult vallen en tot een gedwongen huwelijk zoudt moeten komen. En die gedachte is verschrikkelijk voor je.

Zou de Heere je verhoren? fe twijfelt daaraan, ƒe denkt aan die Schriftwoorden: ..Gij bidt, en gij ontvangt niet. omdat gij kwalijk bidt, opdat gij het in uw wellusten doorbrengen zoudt.''

Wij zijn goed gereformeerd. Wij zijn ten volle overreed aangaande onze onmacht ten opzichte van de zonde. Welnu, zegt de verzoeker.. wat kun-je er dan aan doen, dat je er in valt ? — Hij ziet ons liever overtuigd vciri onze zondigheid en onze onmacht ten*goede, dan van de heiligheid van Gods wet en onze strafschuldigheid voor die wet. Want onze onmacht ten goede is zowel onze schuld, als onze. ellende. Onze ellende bestaat niet alleen in ons strafschuldig zijn voor den Heere en de straf gevolgen daarvan, maar ook in ons niet heilig-zijn voor God. Dat laatste is ons niet - gelukkig - zijn met God. Heiligheid, zegt Lodensteyn. is zaligheid. En wij kunnen er aan toevoegen : Onheiligheid is rampzaligheid.

Maar, als wij tenslotte overtuigd zouden zijn niet alleen van onze zonden, maar ook van onze strafschuld ten gevolge van onze misdaden, dan zou de satan ons loch gaarne bij dat deel van het geloof laten. In dofje wanhoop zouden wij hier neergedrukt worden, en de fluisterstem gevolg geven: , , Toe maar, zo erg is het niet, het kón toch immers niet anders zijn. En als wij toegegeven hebben, dan vergroot hij de zonde, om ons in het kasteel wanhoop voor immer te doen verkwijnen.

Of, .als bij voorkomende genegenheid de gelegenheid ontbreekt, en bij voorkomende gelegenheid de genegenheid niet levendig was, wij zouden ons verhovaardigen en zorgeloos daarhenen gaan en wellicht te enigertijd loch in zijn jachtgaren verstrikt worden.

Of. zo ons dat bespaard blijft, zouden wij dan niet groeien in de gedachte, dat wij in eigen kracht legen de zonde kunnen strijden ? Zullen wij dan menen de ganse onreinheid onzer natuur en onze persoonlijke schuld te kunnen dekken met de betrekkelijke blankheid onzer uiterlijke daden ?

Wij zijn gereformeerd. Wij welen het zo goed. Althans dat menen wij. Maar Gods Woord zegt meer. Het spreekt ons van de verlossing, die in Christus Jezus is. Verlossing van de schuld, maar niet minder van het bederf der zonde. Niet door kracht noch door geweld, maar door de Geest des Heeren. En dit hebben wij zowel te geloven als onze zonde en vervloeking. Wat bij de mens , onmogel.ijk is, is mogelijk bij God. Van de reiniging door dat bloed des Verbonds spreekt ons hel water in onze doop, Daarin reeds zijn ons de beloften verzegeld. Dal is ons reeds toegezegd in onze prille jeugd, niet minder dan aan de volwassenen. Hierin alleen ligt de overwinning over de zonde. Zij hebben overwonnen door het bloed des Lams. Je twijfelt of de Heere je verhoren zal? Maar. twijfel je. ook of de Iieere je verhoren WIL? Is dan Zijn Woord niet waar. waarin Hij zegt. dal al wat wij van Hem begeren in de naam van Zijn Zoon, Hij ons zal geven. Dat is iri de eerste plaats vergeving door Zijn bloed, maar ook reiniging door Zijn Geest. Want "Hij is niet alleen gekomen door het water maar ook door het bloed. Of. zou Zijn bloed niet overvloedig genoegzaam zijn lot verzoening van de zonden der ganse wereld ? Laat los alle eigen krachten en vliedt met je smekingen tot dat verzoenend bloed. Wanhoop aan eigen krachten, maar beledig Hem niet, met le wanhopen aan Zijn gewilligheid, noch aan Zijn macht. Zijn bewarende hand zal je temeer schuldenaar maken aan Zijn genade.

Wandel in vreze. Vermijdt alles wal ons lot de zonden trekken kan. (Vr. 109, H.Cat.) Wandel als in de dag-Wees matig in spijs en drank.

Het-is niel gehoord met het oor wat Hij doen zal, dien die op Hem wacht.

1 fe vriend.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 april 1948

Daniel | 8 Pagina's

Briefwisseling mef mijn jonge vrienden

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 april 1948

Daniel | 8 Pagina's