PETRUS
In de rosse gloed van tiet oplaaiend vuur staat hij zich hij de bende te warmen. Zijn Meester, gevangen in 't nachtelijk uur, staat stil met gehondene armen. Grif praat hij met zijn Galileïsch accent onverschrokken en opgewonden.
Hij zorgt wel dat niemand van hen hem herkent, die in de hof Malchus verwondde. De toortsige schijn van het brandende hout vermag vaag slechts hem te belichten, maar juist door zijn spraak wordt hij niet meer [vertrouwd, en straks moet hij jammerlijk zwichten.
O Heere, dat steeds mijn spraak U belijd'; dat ze zeggen: hij hoort ook bij Jezus I Maak mij voor Uw zaak een dienstknecht bereid; dat 'k U niet verloochene, Jezus.
En laat ze maar zeggen: hij hoort er ook bij, wij merken het op aan zijn spreken — laat dit van de liefde tussen U en mij zijn het onbedrieg lijke teken.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 maart 1948
Daniel | 8 Pagina's