Het Huwelijk
XVIII.
Kerkeiyk één? (L)
Het kan niet worden betwijfeld, dat op grond van Gods Woord een belijder der waarheid geen huwelijksverbintenis mag zoeken met een, die vreemd is van de dienst des Heeren, dus een ongelovige. Een verloving met zodanige is dus eveneens veroordeeld.
Nu doet zich een vraag op, welke van grote practische betekenis is, en wel deze: hoe wij staan moeten tegenover een echtverbintenis met een, die van een andere kerkformatie is dan wij.
Ten aanzien van hen, die tot de Roomse kerk behoren, levert deze vraag geen grote moeilijkheid op. 't Is waar, men zal van een roomse niet zeggen: Hij is een heiden. Maar toch — en hier spreekt het algemeen gevoelen nog een duidelijke taal — van „protestantse" zijde wordt een huwelijk met een roomse algemeen afgekeurd. Zelfs in zogenaamde protestantse kringen, waar men practisch de godsdienst heeft losgelaten, ziet
men zulk een verbintenis niet gaarne tot stand komen. Enerzijds werkt hier de traditie van de tegenstelling protestants-rooms nog na; anderzijds is dit het gevolg van de houding van de Roomse kerk zelf. Deze toch wil zelf zo'n echtverbintenis niet. Als een roomse wil trouwen met een niet-roomse, stemt Rome's kerk daar alleen maar in toe, als de ander de roomse godsdienst aanvaardt. Doet hij dat niet, dan kunnen ze niet vóór het altaar trouwen, maar wel échter het altaar. Rome houdt zijn eis.'Trouwt een roomse niet kerkelijk, dan wordt dat huwelijk niet erkend. Dat Rome zo staaf tegenover het huwelijk met een niet-roomse is op zichzelf begrijpelijk; daarmede neemt men daar feitelijk hetzelfde standpunt in als wij innemen tegenover een echtverbintenis met een ongelovige. Maar daarmede is dan ook een tegenstelling geschapen tussen rooms en protestants, welke voor beiden onoverbrugbaar is. Rome's kerk kunnen wij niet als christelijke kerk erkennen. Ze is met het concilie van Trente afvallige secte geworden (Groen van Prinsterer). Dat wil niet zeggen, dat er in Rome geen christelijke waarden zouden zijn. Zelfs is onder de invloed der Reformatie een Restauratie ontstaan, welke in menig opzicht gunstig heeft gewerkt. Maar principieel is Rome's kerk niet wedergekeerd tot Gods Woord. Er moge bij een zeker deel der belijders een ernst en een ijver gevonden worden, die menig zogenaamd protestant beschamen kan; het bloed van Christus, tot reiniging van alle zonden, wordt ongenoegzaam geacht. Heiligenverering en priesterheerschappij vormen de wezenlijke bestanddelen van Rome's godsdienst. Menselijk is het. Slechts hebben wij voor onszelven toe te zien, dat wij voor zulke feilen bewaard blijven. Daarvoor is, zowel voor kerk als particulier persoon, de bewarende genade Gods nodig. Luther zegt: De paap zit in ieders hart. Genoeg hierover. — Geen huwelijksverbintenis met een roomse. Als er voordelige huwelijken te sluiten zijn van een roomse met een niet-roomse, voordelig voor Rome's invloed en macht, en wil de niet-roomse de roomse godsdienst aanvaarden, hetzij van harte of voor de vorm (want Rome is soepel), dan acht Rome winst te hebben geboekt. Wil een roomse man met een protestants meisje meegaan, meer ter wille van haar dan uit ware overtuiging en liefde voor de dienst des Heeren, dan staan wij daar gereserveerd tegenover. Wij zoeken geen kerkelijke macht. Dat te doen draagt reeds de roomse zuurdeesem in zijn zomen.
Zoals feitelijk de rooms-protestantse tegenstelling is, waarbij óf de een óf de ander moet ondergaan, zo is een protestants-rooms huwelijk een wanverhouding en voor ons even ongeoorloofd als een huwelijk met een ongelovige. Ongeloof en bijgeloof verschillen hierin niet voor ons.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 maart 1948
Daniel | 8 Pagina's