De 13e Jaarvergadering van het Landelijk Verband
In het Kerkgebouw der Gereformeerde Gemeente te Utrecht heeft het Landelijk Verband van Jongelingsverenigingen der Gereformeerde Gemeenten op Woensdag 18 Februari j.1. zijn 13e Jaarvergadering gehouden.
Begunstigd door een stralende, zonnige winterdag waren onze jonge mensen uit alle oorden des lands in groot aantal samengestroomd en toen Ds. Verhagen, de Voorzitter van het L.V. om precies 10 uur de vergar dering opende, was het kerkgebouw gevuld tot alle hoeken.
Meer dan ooit kan met hel volste recht worden gesproken van een alleszins - zeer geslaagd samenzijn. De lieer Molenaar sprak over , , Enige karaktertypen . terwijl de heer de Waal refereerde over , , ilet I Jodenvraagstuk". Ds. Kok sprak een zeer ernstig slotwoord.
In afwijking van de gewoonte in vorige jaren, was er des avonds tevoren niet door een onzer predikanten een rede gehouden, maar was een huishoudelijke vergadering belegd met een 100-tal stemgerechtigde afgevaardigden der aangesloten verenigingen.
Hiervan was het doel te bereiken, dat op de eigenlijke Jaarvergadering gelegenheid zou zijn voor 2 referaten met bespreking, voorafgegaan van een openingsrede door de Voorz. van het L.V., zomede enkele rapporten en een slotwoord door een onzer predikanten.
Die Huishoudelijke Vergadering
werd gehouden op Dinsdag 17 Februari des avonds half acht, ook in het kerkgebouw te Utrecht. Ds. A. Verhagen opende deze vergadering. Gezongen werd Ps. 66 : 1'en 2, gelezen Prediker 12, waarna hij in gebed voorging.
Na een kort openingswoord en een welkom aan de afgevaardigden werden de notulen der vorige Jaarvergadering vastgesteld.
Voor de Bestuursverkiezing waren 4 candidaten gesteld, n.1. Ds. J. v. d. Berg, Utrecht; H. Hoogendoorn, Gouda; Ds. R. Kok, Veenendaal en M. C. Vos, Gouda,
waaruit de aftredenden Ds. R. Kok en H. Hoogendoorn met overgrote meerderheid van stemmen werden herkozen.
Aan de orde van behandeling werd nu gesteld bespreking van de ingediende voorstellen en vragen.
Deze werden door de afgevaardigden van de daarbtf betrokken verenigingen toegelicht, terwijl het Hoofdbestuur bij monde van de Voorzitter er over adviseerde.
O.a. werd besloten voortaan tevoren enquête in te stellen over welke onderwerpen de J.V.'s gaarne op de Jaarvergadering van het L.V. zagen gerefereerd.
Ten aanzien van deze wijze van vergaderen deelt de Voorz. mede, dat dit een proef is en bestendiging hiervan geheel afhangt van de algemene indruk na afloop van deze vergadering en die van morgen.
Op de vraag van de J.V. te Rijssen naar de mogelijkheid dat „Daniël" een weekblad wordt, komt veel bespreking.
Het voor en tegen van uitbreiding wordt toegelicht. Ons orgaan „Daniël" gaat steeds vooruit, doch er zullen nog een 1000 abonnees bij moeten komen om er een weekblad van te maken, daar de Redactie bij uitbreiding tot weekblad geen verhoging van de abonnementsprijs beoogt. Zowel van de zijde der R-edactie als van die der J.V.'s en hun agenten zal een propaganda actie op touw worden gezet. In dat geval komt er ook gelegenheid die rubrieken op te nemen, die al zo lang wachten, o-.a. boekbespreking en boekbeoordeling.
wachten, o-.a. boekbespreking en boekbeoordeling. Besloten wordt een volledig verslag van de Jaarvergadering'te zenden aan al onze militairen in Holland en Indië.
Op de vraag, waarom de Jaarvergadering niet in Gouda wordt gehouden, geeft de Voorz. een zeer bescheiden antwoord.
Behalve deze hoofdzaken worden ook nog enkele ondergeschikte dingen besproken, waarna Ps. 119 : 45 wordt gezongen en Ds. J. v. d. Berg deze vergadering met dankgebed sluit.
Het was een aangenaam samenzijn en het voordeel van deze wijze van het bespreken der huishoudelijke zaken was, dat voor elk punt van de agenda ruimschoots gelegenheid voor gedachtenwisseling was.
De Jaarvergadering
op Woensdag 18 Februari werd geopend met samenzang uit Psalm 118 : 7 en 8. Na lezing van Mark. 13 : 28— einde en van de Geloofsbelijdenis (12 Art.) gaat Ds. A. Verhagen voor in gebed.
Hierna richt de Voorz. met een ernstig openingswoord tot de talrijke aanwezigen, waarin hij wijst op de grote noodzaak van waakzaam te zijn.
De grote Rechter staat voor de deur en welk een
voorrecht zou het nu zijn als de Heere door Zijn eeuwige Geest de ogen kwam openen van ons jonge geslacht opdat zij in hun jeugd zouden zien de gevaarvolle toestand, waarin ze zich bevinden. "
De vraag van deze tijd is: „Wat zullen we eten en wat zullen we drinken." Daarmede gaan velen door het leven.
De Heere echter make plaats voor de Zoon Zijner liefde. Echter kan alleen door wedergeboorte vereniging met de Zone Gods plaats vinden. Dat we toch maar bewaard mochten worden voor de gestalte van de rijke jongeling en iets zouden kennen van het ware genadeleven.
Wanneer we letten op de indrukloosheid bij het opkomend geslacht dan vrezen we menigmaal voor het oordeel der verharding. De Almachtige verhoede dit uit genade en schenke ons jonge volk een wakend leven. Weest biddend werkzaam in het onderzoek van Gods Woord. Dat is een lamp voor de voet en het wijst de rechte weg, waarop men zich nimmer vergissen kan. Hiertoe wekken we alle jongenlingen op. De toekomst des Heeren genaakt en Hij zal Zijn stoel stellen in de wolken.
De Almachtige verheerlijke zich in ons Vaderland en Hy hekachtige dit Woord tot profijt van ons leven voor tijd en eeuwigheid.
De Voorz. verklaart hiermede de vergadering voor geopend en spreekt de wens uit in eenvoudigheid samen te zijn. Dat niets dit moge verstoren en onder ons geen verbrokkeling zij. Hij zegene elke plaatselijke J.V. en doe onze jongelingen leven in de vreze van Zijn Naam. Ook schenke hij onze sprekers Zijne kracht tot onze lering.
Aan H.M. de Koningin Wilhelmina, Hunne Koninklijke Hoogheden Prinses Juliana en Prins Bernhard worden de volgende telegrammen gezonden:
HARE MAJESTEIT KONINGIN DER NEDERLANDEN
Het Landelijk Verband van jongelingsverenigingen uitgaande van de Gereformeerde Gemeenten in Nederland, heden 18 Februari in algemene jaarvergadering bijeen, biedt Uwer Majesteit ztjn eerbiedige hulde en trouw en bidt u toe in deze veelbewogen dagen, dagen waarin het gezag steeds meer wordt ondermijnd, des Heeren zegen toe.
Ds. A. VERHAGEN. Voorzitter
Boothstraat 7, Utrecht'.
HUNNE KONINKLIJKE HOOGHEDEN PRINSES JULIANA en PRINS BERNHARD
Het Landelijk Verband van Jongelingsverenigingen uitgaande van de Gereformeerde Gemeenten in Nederland, heden op de eerste verjaardag van Uw lieve Marijka in algemene jaarvergadering bijeen, feliciteert Uwe Hoogheden met deze dag en biedt Uwe Koninklijke Hoogheden zijn eerbiedige hulde en trouw en bidt U van 's Heeren wege voor Huis en Maatschappij wijsheid van Boven toe.
V Ds. A. VERHAGEN. Voorzitter
Boothstraat 7. Utrecht.
De Voorz. deelt een en ander mede over de gisteravond genomen besluiten o.a. over de uitbreiding van Daniël.
Voorts rapporteert hij over het werk onder de militairen, waarvoor zulk een grote belangstelling bestaat. Hij vertelt over de actie voor extra-pakketten, die inmiddels reeds door onze vrienden in Indië zijn ontvangen en leest een brief voor, waaruit blijkt dat niet allereerst en alleen de gave de grondtoon is, maar de gedachte van het medeleven. Ook blijkt eruit, dat de Heere nog bemoeienissen houdt met onze militairen. Er zijn ook al van onze jongens teruggekomen (Bat. Zeeland) en we hopen t.z.t. met hen op een centraal punt samen te komen.
Doch enkelen zullen nimmer terugkeren, die in dit jaar hun leven moesten laten en waarvan we in ons blad hebben kunnen lezen. We denken aan de diepbedroefde families, maar ook aan de zeshonderd militairen, die te midden van veelsoortige gevaren zich in Indië bevinden en het is ons een behoefte om hen toe te zingen uit Ps. 121 : 2:
Hij is, al treft U 't felst verdriet Uw wachter, Die Uw voet Voor wankelen behoedt. Hij, Isrels Wachter, sluimert niet. Geen kwaad zal U genaken De Heer' zal U bewaken.
Ten slotte vestigde de Voorz. er de aandacht op, dat bij de Regelingscommissie brochures te koop zijn: getiteld: „Is vrees voor het Communisme gegrond? " Deze brochure van de hand van P. Kuyt, Hoofd der School voor L.O., M.U.L.O. en opleiding onderwijzers tg Krabbendijke is het lezen overwaard. De baten hieruit voortvloeiende zijn bestemd om leerlingen van de Opl. voor onderwijzers, voor wie de kosten te hoog zijn, daarin tegemoet te komen. Ds. Verhagen beveelt dit van harte aan.
De heer Molenaar refereert.
De heer T. Molenaar, het woord verkrijgend, refereert nu over het onderwerp: „Enige karaktertypen." Na een inleidend woord spreekt hij achtereenvolgens
over:1. het cholerisch type; 2. het'sanquinisch type; 3. het flegmatisch type; . 4. het melancholisch type.
Niet op „meesterachtige", maar op meesterlijke wijze heeft de heer Molenaar zich van zijn taak gekweten en de talrijke vragen tot ieders ^tevredenheid beantwoord.
De volgende vragen werden gesteld:
1. Zijn er personen, die van alle typen wat hebben?
2. Is de verscheidenheid van karakter een gevolg van de zondeval of niet?
3. Is de Inspiratie dei • H.S. buiten het karakter omgegaan ?
4. Kunnen we spreken van volkskaraktertrekken en van kerkkaraktertrekken ?
5. Kan een karakter totaal vervormen? (Primaire en Secundaire functie.)
6. Hebben Kerk en J.V. als taak de karakters op te voeden en de middelen daartoe aan te wijzen?
7. Hoe denkt U over het Psycho-technisch onderzoek ?
8. Is het altijd zeker, dat in een misvormd lichaam een.misvormde geest woont?
9. Bestaat door zekere wijze van voorlichting niet het gevaar, dat we achter ons karakter wegschuilen ?
10. Is bij de opvoeding van kinderen op de moeilijke leeftijd behalve tucht ook de liefde geen factor van belang?
11. Hoe moeten we staan tegenover para-psychologie? Hoe tegenover grafologie? Is er verschil tussen karakter en temperament?
12. Hoe kan iemand met wilskracht en van doortastend karakter een speelbal zijn van zwakkelingen ?
13. Als Paulus spreekt van zijn levensgeest, komt dit dan voort uit zijn karakter of houdt dat verband met zijn zending?
14. Wordt'het karakter niet veelal verborgen door de persoonlijkheid van de mens? 15
15. Is er verband tussen karakter en godsdienstige opvatting ?
16. Ligt het ideale karakter bij Heymans binnen of buiten de kubus? 17
17. Is karaktervorming van bepaalde factoren afhankelijk ?
18. Is er een bepaalde reden, dat genoemde 4 typen aansluiten bij de oude filosofen?
19. (vraag Ds. Verhagen) Welk karakter en temperament is het sierlijkst.voor een predikant?
Alleen deze vragenlijst illustreert de grote interesse voor dit leerzaam en duidelijk voorgedragen referaat.
Hierna volgde Pauze tot 2 uur.
Na de Pauze wordt heropend met het zingen van Ps. 86 : 6.
Allereerst volgt het Jaarverslag en Rapport over Daniël door de Secretaris van het L.V. n.a.w. een enkele vraag wordt gesteld. Dé kascommissie rapporteert zeer gunstig over de boekhouding van de Penningmeester van het L.V.
Daar op de vraag van de Voorz. hoe deze wijze van vergaderen voldoet geen bezwaren ter tafel komen, wordt aangenomen, dat dit voorlopig zo blijft.
Terwijl nog gezongen wordt Ps. 84 : 3 en 4, wordt gecollecteerd, welke collecte opbrengt ƒ 22T5.12½.
Het „Jodenvraagstuk" belicht.
Aan de orde is thans het 2e referaat. Het handelt over „Het Jodenvraagstuk" en wordt ingeleid door de Heer Th. de Waal van Middelharnis, Voorz. van de Ring „Flakkee" van J.V.'s.
Hij verdeelt dit referaat als volgt:
Het Jodendom: le.-In de Diaspora; 2e. In zqn roeping gefaald en de niet talende Verbondstrouw; 3e. Christo-centrisch; 4e. In zijn toekomst.
Op zeer duidelijke wijze en goed voorgedragen wordt dit te allen tijde en zeker voor onze tijd zo actuele onderwerp behandeld.
Ook hierop komen veel vragen, o.a.:
een verklaring van Ez. 28 : 25 en 26. Wat zyn Hellenistische Joden ? Is de trek naar Palestina bij de Joden een begeerte naar de Messias of een verlangen naar een plaats om rustig te wonen?
Geldt de Schriftuitspraak: „en alzo zal geheel Israël zalig worden het nationale of het uitverkoren Israël Gods?
Hoe komt het, dat er onder de Joden zoveel Communisten zijn?
Wat is de oorzaak van de steeds terugkerende Jodenvervolgingen?
Hebben de Joden recht op Palestina of niet? Valt hierover op grond van Gods Woord iets te zeggen?
Wat zegt de naam „Jood" en de naam „Israël"?
Heeft-Brakel geleerd, dat alle Joden zouden bekeerd worden ?
Heeft het Joodse volk geen toekomst meer?
Op beknopte en bevredigende manier worden de vragers door de heer de Waal van antwoord gediend.
Evenals de heer Molenaar ontvangt ook de heer de Waal een welverdiend woord van dank.
Een ernstig slotwoord.
Tenslotte wordt het woord gegeven aan Ds. R. Kok die een slotwoord zal spreken.-^
Hij bedankt allereerst de Kerkeraad van Utrecht voor het betoonde medeleven en de zeer gunstige ontvangst van onze jongelingen door de gehele gemeente.
Eveneens de Regeling-commissie, die onder leiding van de heer v. Ginkel prachtwerk heeft gepresteerd, waarvoor een woord van lof dure plicht is.
Ook de „maagdenstoet" die voortreffelijk heeft gezorgd voor het rondbrengen van de consumptie, de koffie en thee wordt in de dank betrokken.
Ten laatste Ds. A. Verhagen, die voor zijn eminente leiding door ds. Kok hartelijk wordt bedankt.
In Klemmende bewoordingen spreekt Ds. Kok verder tot alle aanwezigen. Hy waarschuwt met nadruk tegen de dienst der zonde en der wereld en al schijnt het geen nuttigheid te geven, Zijn wacht waar te nemen en al geen. net de indruK, dat er meer worden bekeerd, die openlijk de zonde hebben gediend, houdt toch aan in het gebed en bidt de Heere om vergeving van zonde en om het leven dat uit Hem is. Schuil niet achter Uw onmacht en zeg niet, als ik niet uitverkoren ben word ik toch niet zalig, maar houdt steeds in gedachte, dat deze verborgen dingen voor de Heere onze God zijn, maar de geopenbaarde voor ons en onze kinderen om te doen alle woorden dezer Wet.
Nadat gezongen is Ps. 119 : 5 beëindigt Ds. Kok deze Jaarvergadering met dankgebed.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 februari 1948
Daniel | 8 Pagina's