Doden opgewekt.
I.
In het sterfhuis te Bethanië heeft de Heere Jezus gezegd: „Ik ben de Opstanding en het Leven, die in Mij gelooft zal leven, al ware hij ook gestorven."
Uit deze woorden blijkt niet alleen, dat Hij is opgestaan, maar dat Hij de opstanding zelve is.
Hij heeft over alle doodsmachten getriumfeerd en allen die door het geloof aan Hem verbonden zfln, zullen in Zijn opstandingsglorie delen.
Dood en leven behoort dan ook tegenover elkander gesteld te worden.
De dood wordt wel eens voorgesteld als een persoon, en genoemd de koning der verschrikking.
Hij heerst als een dictator en niemand kan zich aan zijn macht onttrekken.
Hij spaart jong noch oud, koning noch onderdaan.
Als we vragen waaraan die dood zijn vreselijke macht ontleent, dan geeft Paulus op die vraag een duidelijk antwoord in 1 Cor. 15.
De prikkel des doods is de zonde, en de kracht der zonde is de Wet.
De stuwkracht van de dood ligt in de zonde, want waren er geen zonden, er was ook geen dood.
Achter de zonde staat de wet, want de kracht der zonde is de wet.
Waar geen wet is, is ook geen overtreding.
Achter de wet staat God Zelf, want vervloekt is een iegelijk, die niet blijft in al hetgeen geschreven is in het boek der wet, om dat te doen.
De dood is geen gevolg van de verzwakking van onze natuur, maar een Goddelijke zetting.
Het is de mens gezet eenmaal te sterven.
Als we spreken over de dood, denken we niet alleen aan de tijdelijke dood die bestaat in het losmaken van de band tussen ziel en lichaam, maar we denken aan de dood in zijn volle omvang, dus ook de geestelijke en eeuwige dood.
Door de zonde is de dood in de wereld gekomen. Vóór de val was er geen dood.
Toen was er enkel leven, en de mens zou, als hij staande ware gebleven, nimmer gestorven zijn, maar tot nog groter heerlijkheid zijn opgeklommen dan hij reeds in het Paradijs bezat.
Geestelijk dood is de mens, die niet weet en 2iet in welk een ellendige toestand hij door de zonde gekomen is.
Zoals een dode niet kan zien, noch horen, noch voelen, zo kent de geestelijk dode niets van zijn diepe ellende.
De geestelijk dode komt door de tijdelijke dood in de eeuwige dood.
Dat is het verkeren in de eeuwige rampzaligheid, in de helse pijn waar de worm niet sterft en het vuur niet wordt uitgeblust.
Die eeuwige dood is onbeschrijfelijk.
Al waren alle grassprietjes pennen, en alle zeeën inkt, en alle woestijnen papier en alle engelen vaardige schrijvers, dan zouden ze toch niet kunnen weergeven hoe vreselijk de eeuwige dood is.
Dood is niet maar een ophouden van te leven, maar veel erger, de dood is het tegenovergestelde van het leven. De dood is gevolg van de zonde, want de bezoldiging der zonde is dé dood.
Voor de majesteit van de dood moeten wij allen zwichten, want wij hebben geen geweer in de strijd tegen de dood. •
Zullen we ooit uit de macht des doods verlost worden, dan moeten we van de schuld der zonde worden ontheven en van de verdoemende kracht der wet worden verlost.
In deze wereld van levensjammer en stervensnood is Christus verschenen als de Grote Levensvorst. Hfl kan getuigen: „Ik ben dood geweest en Ik leve tot in alle eeuwigheid.
Hij heeft de geweldhebber des doods verslagen de dood verslonden. en
Hij schenkt uit goedheid zonder peil het eeuwig zalig leven. Hij kan en wil en zal in nood, zelfs bij het naderen van de dood, volkomen uitkomst geven.
De opwekking der doden is een bewijs, dat Christus over de dood triumfeert en een profetie dat de levende kerk straks het loflied zal aanheffen: „Dood waar is uw prikkel, hel waar is uw overwinning? "
In de volgende schets spreken we over de opwekking van de jongeling te Naïn, het dochtertje van Jaïrus, van Lazarus, alsmede de verrijzenis van gestorven heiligen bij de dood van Jezus.
Ds. A. DE BLOIS.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 januari 1948
Daniel | 8 Pagina's