ONZE Catechismus
Catechismus (XVII) Hier wordt een Middelaar vereist, die waarachtig en rechtvaardig mens is en nochtans sterker dan alle schepselen, dat is, die ook tegelijk waarachtig God is en die moet door ons gezocht worden. Het moet een Middelaar zijn, die God kan bevredigen en mij kan verlossen uit de ellende, waarin ik gekomen ben door de zonde. Hij moet dus ook een Verlosser zijn.
Het sterven aan de wet is een sterven van dorst, daar men de wateren van vrije genade niet wil drinken, hoewel het hart dorst naar Gods gunst en gemeenschap. Het land der wet is een land, dat dor en mat van droogte brandt en waar niemand lafenis kan krijgen.
Het sterven aan de wet is een sterven van droefheid, „want mijn leven is verteerd van droefenis en mijn Jaren van zuchten". Van verdriet wordt het oog doorknaagd, daar men zich leert kennen als een bedorven vat, dat geheel onbruikbaar is. Zij willen de Heere dienen en kunnen Hem niet dienen.
Het sterven aan de wet is menigmaal een langdurig
sterven, daar zij eerst van jaar tot jaar uftteren en daarna van maand tot maand en dan van week tot week. Daar ik steeds dieper geleid wordt in mijn dodelijke onmacht en geheel onbekwaam ben om de wet te onderhouden, ben ik gelijk aan iemand, die de tering heeft. Wel lees ik van een man, op wien de Heere neder zag toen hij uitgeteerd was, maar dat zal mijn deel niet . wezen. Als ik uitgeteerd ben, dan 'zink ik weg in de eeuwige vampzaligheid. Het is net alsof ik loop te sterven op de wereld, daar de doodslucht van mijn verdorven bestaan in alles wat ik doe, gevonden wordt.
Het zijn de laatste woorden van een stervende aan de wet, dat wij in generlei wijze aan de eis van Gods gerechtigheid kunnen voldoen, maar de schuld nog dagelijks meerder maken. Hier hebben we het einde van het huwelijksleven, dat met zoveel vreugde en verwachting was aangevangen. Met alles is men in de dood terecht gekomen. Wil het ons niet ten kwade duiden, dat we bij dit sterfbed niet wenen en dat we geen rouwsluiten, al is het onze zuster, die door de dood van haar man gescheiden is. Deze sterfdag zal haar tweede trouwdag worden. Nu zal zij getrouwd worden door een man, die alles voor haar doet, die al haar schuld betaalt en haar stelt in het gebruik en in het genot van al Zijn goed. Het verschil van Hem met haar eerste man is riiet uit te spreken. Die eerste man had altijd een stok bg zich om haar te slaan, maar dat zsd deze man nooit doen. Hij zal haar van dag tot dag m Zijn zorgende en dienende liefde laten delen. We willen het dan ook eerlijk bekennen, dat we menigmaal verlangend naar haar sterfdag hebben uitgezien, daar zij alleen door de dood van haar lijden kon verlost worden. Zonder 1 kwaad van die man te zeggen, móet ik zeggen, dat niet één vrouw het bjj hem kan uithouden. Zeker, wij willen het u gaarne zeggen, hoe het gesteld is in het hart van een mens, die gestorven is aan de wet. Hier is het een staan met een gesloten mond tegenover de verklager der broederen. Hij kan net zoveel zwarte plekken aanwijzen als hij wil, maar niet een woord wordt gehoord tot verontschuldiging, daar het hart ervan overtuigd is een gans verdorven zondaar te zijn.
Hier is het een kruipen in het stof der verootmoediging om het voor God uit te wenen dat zwaar en menigmaal tegen Ht m werd gezondipd en dat Ziin geliefde Zoon met de vuisten van eigengerechtigheid werd geslagen in het aangezicht, waardoor aan de werkingen van Zijn Geest tegenstand is geboden.
Hier is het een liggen in het graf en een wachten op de komst des Heeren om er door Hem uit opgehaald te mogen worden.
Hier is het een verlangend uitzien naar een Middelaar, die vereist wordt om tot genade te komen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 september 1947
Daniel | 8 Pagina's