JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

§ 14. DE STAATSKERK EN HAAR ORGANISATIE.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

§ 14. DE STAATSKERK EN HAAR ORGANISATIE.

5 minuten leestijd

De vrijheid der kerk, die met Constantijn was aangebroken, is van zeer grote betekenis geweest. De christelijke godsdienst werd aanvankelijk alleen erkend en toegelaten, later sterk begunstigd en verkreeg ten slotte het alleenrecht in de Staat. Geheel het openbare leven werd nu ook in christelijke zin gewijzigd. Wel bleven de heidense tempels voorlopig nog staan en werd de heidense eredienst nog geduld, , maar ook dat werd anders onder de zonen van Constantijn. Onder hen werd toen ook een ware tempelbestorming ontketend.

Onder de beruchte Julianus de Afvallige (361—363) deed het heidendom nog een krampachtige poging, om haar vroegere positie te herwinnen, maar de gang van zaken was niet meer te keren en de dood van Julianus maakte aan dat alles weer een einde. Onder Theodosius de Groote (379—395) kreeg de kerk officieel het alleenrecht en werd ze tot Staatskerk verheven. Sindsdien is het heidendom vrij snel uit het openbare leven verdwenen en heeft het zich alléén in enkele adellijke families nog wat weten te handhaven.

Toen de kerk Staatskerk werd en daardoor sterk onder invloed en toezicht van de keizer kwam te staan, had dit ook grote en belangrijke gevolgen voor de organisatie der kerk.. Alle geestelijk en moreel gezag werd allengs veranderd in officieel en wettelijk vastgelegde macht. De geestelijken werden staatsambtenaren, die hun macht ontleenden aan de keizer. Dat heeft de deur geopend voor het latere Pauselijke stelsel in de Roomse kerk. Want toen het Romeinse rijk verbrokkelde en de keizers hun macht vooral in het Westen geheel verloren, werd de bisschop van Rome door het volk algemeen erkend als dé machthebber. En de pausen hebben daarvan ruim geprofiteerd! Maar dat is allemaal later! Nü, in de tijd, waarover we hier handelen, had de keizer nog volledige zeggenschap, maar hg was in de uitoefening van zijn macht vrij soepel en liet de organisatie der kerk in grote mate vrij. Nochtans, het rechts karakter in de kerk als Staatskerk, bleef een feit!

In deze tijd ontstonden dan ook verschillende kerkenordeningen en verzamelingen van keizerlijke kerkwetten en synodebesluiten.

De Synodes werden gesplitst in twee soorten: de oecumenische of rijkssynodes, die de kerken van het gehele rijk vertegenwoordigde, en de provinciale synodes, waar de kerken van één bepaalde provincie samenkwamen. Het gezag en het aanzien van de metropoliet of aartsbisschop werd nu ook wettelijk vastgelegd. Tevens werden de aanspraken van de bisschoppen van Rome, Alexandrië en Antiochië op nóg groter invloed erkend, doordat hun de titel oppermetropeliet of patriarch werd gegeven, terwijl elk van hen verschillende metropolieten onder zich had. Later kwam Constantinopel, de keizerlijke residentie daar nog als 4e patriarchaat bij. Die 4 hebben onderling nog weer lang om de alleen heerschappij gevochten, wat we later zullen zien.

Door dit alles was de macht van de gewone bisschop sterk verminderd! Hij stond ónder de metropoliet en de Synode van zijn provincie. Maar tevens was zijn gezag over de gemeente des te sterker geworden.

De geestelijken gingen hoe langer hoe meer een aparte stand vormen. Daartoe werkten verschillende factoren mee. In de eerste plaats het feit, dat Constantijn hen bepaalde privileges gaf. Daarna ook* dat steeds meer het coelibaat (de ongehuwde staat) onder hen Ingang vond. En verder konden zij in deze tijd van vrijheid voor de kerk steeds gemakkelijker hun wereldlijk beroep laten varen, wat in de vervolgingstijd, door de armoede der kerk, lang niet voor elke bisschop mogelijk was.

Zo had de kerk dan een krachtige leiding, een wettelijk geregeld bestuur gekregen. Zo kon ze ook de steun van de Staat worden.

Terwijl nu de kerk door de Staat erkend en bevoorrecht werd, en ook het openbare leven hoe langer hoe meer onder invloed van de christelijke kerk kwam, betekende dit toch in geen geval een voordeel. Integendeel, de invloed van de wereld op de kerk is in vele opzichten groot geweest. Vele heidenen werden christen, zonder hun heidense denkbeelden prijs te geven. Want als men geen lid van de kerk was, kon men geen hoge a-'ibt^n meer bekleden. Zn strorrrr'rr r*c tvrvv e Ud^n toe mot in hun gevolg allerlei heidense beseffen, die door de kerk niet geweerd en bestreden werden, maar volgens de oeroude, thans nóg in de Roomse kerk gangbare politiek: in een christelyke vorm gegoten. Jftet al-

leen in luxe en pracht van ambtskleding of kerkversiering kwam dat tot uiting, maar vooral in de ceremoniële handelingen: de H. Doop, het H. Avondmaal, de heiligenverering, de reliquiëncultus. Het geestelijk karakter werd hoe langer hoe meer naar de achtergrond gedrongen. De mensen wilden hun geloof zien. Het zinnelijke element kwam sterk naar voren.

In de oude kerk moest iemand, die openlijk gezondigd had, daarvan ook openbare belijdenis doen en in het midden der gemeente daarover boete doen. Nu dit onder de nieuwe omstandigheden eigenlijk een publieke vernedering werd; kwam daarnaast de biecht op, die allengs de openbare boete geheel wist te verdringen.

Zo zien we steeds duidelijker de tegenwoordige Roomss kerk zich in de geschiedenis der oude kerk aftekenen. Gelukkig, dat Christus souverein Zijn kerk in stand houdt. D& t ïs de enige, maar dan ook de eeuwig-vaste garantie, voor de voortdurende Reformatie en do uiteindelijke zegepraal der kerk.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 augustus 1947

Daniel | 8 Pagina's

§ 14. DE STAATSKERK EN HAAR ORGANISATIE.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 augustus 1947

Daniel | 8 Pagina's