JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Briefwisseling met mijn jonge vrienden

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Briefwisseling met mijn jonge vrienden

4 minuten leestijd

(19)

Waarde jonge vriend.

Je ivilt gaarne weten hoe je zijn moet om tol Christus te mogen komen. Dat mag toch zó niet? zeg je. Welke gestalten, werkzaamheden en hoedanigheden zijn daartoe de voorwaarden, althans moeten aan zulk een komen vooraf gaan?

Wel, je maakt Baruch verlegen. Dat weet hij niet. Daar is al zoveel naar gezocht. Tijdens de omwandeling van de Heere Jezus op aarde, werd dat ook al zo uitgemeten. Een vrouw, die een zondaresse was, mocht, naar sommiger mening, niet tot Hem komen. Maar Simon de Farizeër werd door Hem hierover bestraft. Ben ie te jong? — De discipelen dachten dat er een grens was in de leeftijd. Zij weerden moeders met haar kinderen van Hem. Maar ook z ij werden bestraft. Kan het. dan voor iemand te laat zijn? Ook dat niet. De moordenaar aan het-kruis werd terstond aangenomen. Zijn er dan bepaalde tijden, of, kan te veel kennis, of vermeende kennis, wellicht een verhindering wezen? (want ook d i e klacht wordt gehoord: ik weet het te goed). Maar Nicodemus werd niet afgewezen, noch om het middernachtelijk uur, noch om zijn vergaarde wetenschap.

Maar, als je dan van hoedanigheden wilt gesproken hebben. dan zou ik zeggen: we moeten komen, zoals we zijn.

Wil je nog een voorwaarde? Lees je Bijbel. Gij, die geen geld hebt komt, koopt en eet, ja komt, koopt zonder geld en zonder prijs wijn en melk. Waarom weegt gijlieden geld uit voor hetgeen geen brood is, en uw arbeid voor hetgeen niet verzadigen kan? (Jes. 55). »

Maar je zult zeggen: Zijn dan de beloften niet alleen voor de uitverkorenen?

Mijn jonge vriend. Het is een eeuwige waarheid, dat de uitverkorenen het verkregen hebben. (Rom. 11 : 7).

Maar de Hcfire roept tot bekering alle mensen, die Hij brengt onder de prediking des Evangelies; en de roeping der kerk is, het Evangelie te prediken aan alle creaturen. En tot hen, die zo tot bekering geroepen worden (en dus nog niet bekeerd zijn) wordt gezegd: komt de belofte toe, en uwen kinderen, en alle die daar verre zijn, zovelen als er de Heere onze God toe roepen zal (Hand. 2 : 38, 39). Die verre zijn, dat zijn de heidenen. Daar wordt dus niet gezegd: an de uitverkorenen komt de belofte toe.

Het staat zó: óf de mens omhelst de belofte in gehoorzaamheid des geloofs, óf hij verwerpt die door ongeloof. Een derde weg is er niet. Dat mocht ons wel in onze ziel grijpen, jonge vriend. Hoe velen zeggen bij zichzelf: Ik ben nog geen gelovige, maar.... een ongelovige ben ik toch óók niet.

Zijn er dan drie wegen? Wie niet vóór is, is tégen, en die niét vergadert, die verstrooit. Kiest dan heden wie gij flieneri zult.

Het moge op het hart van mijn jonge vrienden en vriendinnen gebonden worden, dat ze niet mogen hinken op twee gedachten. Baruch wil niet het hart benauwen van hen, die . . ja ... als het er op aan komt, zeggen: Heere. hier is mijn hart — en\ die nochtans niet durven vaststellen, dat hun keuze oprecht is.

Je vrijmoedigheid om te komen moet je wet zoeken in de kenmerken, waaruit je zgnidfr mogen besluiten, dat er een begin in je hart is gemaakt, dat je dus uitverkoren bent. En als je zover bent, dat ie dan vrijmoedigheid zoudf mogen gebruiken, om hnt overige ook van Hem te begeeren. Dat je dus op grond daarvan zou kunnen besluiten: ik ben geroepen, dus i k, in het bijzonder, mag komen.

„Zo vele als er door het Evangelie geroepen ivorden, die worden ernstiglijk geroepen. Want God betoont ernstiglijk en waqrachtiglijk in Zijn Woord, wat Hem aangenaam is; namelijk, dat de geroepenen tot Hem komen. Hij belooft ook met ernst allen, die tot Hem komen en geloven, de rust der zielen en het eeuwige leven" (5 art. t.d. Rem. III, IV—8).

Zou je liever een afsnijdende waarheid horen, waarvan je een rustbank zou makerj, om lijdelijk op te blijven zitten, en

heimelijk de schuld van je niet-bekeerd-zijn, onbekeerlijkheid) op God zou werpen? x (zeg liever je

Dat is geen afsnijdende waarheid prediken, dat de beloften Gods worden afgesneden! Ook niet, als gepredikt zou worden: Het is alleen voor de uitverkorenen, dus, mensen, steel Christus niet. — Maar dit is schriftuurlijk een afsnijdende waarheid prediken, dat gepredikt wordt: Jezus Christus en die gekruist; en dat uit de werken der wet geen vlees zal gerechtvaardigd worden.

Ja maar, zo vraag je, steel ik dan Christus niet, als ik zonder grond tot Hem kom?

Mijn vriend, mijn papier is vol, D.V. een volgende maal hoop ik daarvan nog iets te zeggen. Intussen heb je stof genoeg tot overdenking.

• Met hartelijke groeten verblijf ik als steeds.

Je vriend BARUCH.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 juli 1947

Daniel | 8 Pagina's

Briefwisseling met mijn jonge vrienden

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 juli 1947

Daniel | 8 Pagina's