JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

VOOR onge Militairen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VOOR onge Militairen

TWEE BRIEVEN.

6 minuten leestijd

In mijn laatste artikel heb ik beloofd terug te komen op jtweje brieven. De ene brief is van een zekere G. Stbn.:4506299 uit Indië. Deze jongeman heeft „Daniël" van 14 Februari j.1. in zijn handen gekregen, waarin ik heb behandeld „Het reizen op Zondag". Dit artikel heeft G. met aandacht gelezen, zo schrijft hij mij tenminste. In zijn schrijven vraagt hij aan mij of het mij nooit is opgevallen, dat er in de Bijbel zo veel tegenstrijdigheden staan.

Nu mijn jonge vriend dat is mij inderdaad nog nooit opgevallen, neen nog sterker, ik heb nog nooit voor waar horen verkondigen, dat er in de Bijbel tegenstrijdigheden zijn. Ik heb altijd gemeend en meen dat nog, dat Gods Woord onfeilbaar is. Je bent dus een andere, mening toegedaan. Vandaar komt het ook mijn vriend, dat wij beiden zo'n gans andere kijk hebben op het reizen op Zondag en op de andere dingen genoemd in uw brief. Ik beschouw Gods Woord zoals dit beschreven is in art. 2, 3, 4, 5, 6 en 7 van de Belijdenis des Geloofs. Daarin staat, dat Gods Woord niet is gezonden, noch voortgebracht door menselijke wil, maar de heilige mannen Gods, door de Heilige Geest gedreven zijnde hebben het gesproken. Hierom noemen wij zulke schriften: heilige en Goddel ij ke schriftu-

ren. Dat is wat anders dan tegenstrijdigheden. Dat er voor u en voor mij misschien duistere, onbegrijpelijke dingen in staan, dat is best mogelijk mijij vriend, maar dat zijn geen tegenstrijdigheden hoor. Weet je waarom deze voor jou en mij duister en onbegrijpelijk zijn? Weet je dat en wil je dat erkennen? Dat komt mijn vriend, omdat we zo verduisterd zijn in ons verstand door de zonde. Dat is de oorzaak. Maar nu zoeken we dit niet bij ons zelf, maar zeggen van de voor ons onbegrijpelijke, met ons verstand niet te verklaren dingen, dat het tegenstrijdigheden zijn in Gods onfeilbaar Woord. Arme jongen, waar kun je je toch aan vastklemmen in deze wereld. Wat ben je toch dodelijk arm wanneer je de stelling verdedigt, dat er tegenstrijdigheden in Gods Woord staan. Hij, die op deze valse grond zijn mening bouwt zal bedrogen uitkomen. Die kan van uit deze hoek alles goed praten. Daarom keur je het reizen op Zondag goed. Daarom durf je te veronderstellen, dat het best mogelijk is een Zondagsstemming in je hart te hebben wanneer je op Zondag in bus of tram zit. Daarom mijn vriend, gebruik je voor mij zulke vreemde woorden: „een Zondagsstemming", wat is dat toch? Dat riekt naar humanisme. Daarom ga je in ie schrijven ook de moderne legerpredikanten verdedigeih. Je bent door het aanvaarden van niet bestaanbare tegenstrijdigheden in Gods Woord het rechte spoor jammerlijk bijster. Je veronderstelt, dat ik ook predikant* ben. Nu mijn vriend, dat is niet zo hoor! Ik ben Krijgsman en draag ook konings rok net als jij, alleen al heel wat langer, ik vermoed langer, dan jij oud bent. Wat de werkzaamheden van een Legerpredikant zijn is mij dus zeer wel bekend. En nu wil ik alle legerpredikanten niet over één kam scheren, vandaar dat ik ook geschreven heb: „sommige moderne legerpredikanten". Wanneer ik over die „sommige" zou schrijven, mijn vriend, uit eigen ervaring, dan kan ik niet geloven, dat je tegen mijn opvatting over „sommige moderne legerpredikanten" nog zou protesteren. Meer wil ik op je brief niet schrijven. Ik wens je toe, dat de Heere je mag schenken verlichte ogen des verstands, opdat je Gods Woord als Zijn Woord mag leren verstaan, begrijpen en lief hebben.

De tweede brief waar ik nader op terug zou komen betreft een brief van V., een jongen van een onzer Gemeenten. Ik schreef: deze brief heeft mij bedroefd. V. schrijft mij: ik ben fijn opgevoed en daar ben ik blij mee. Waarom of hij hier blij mee is schreef hij mij niet. Mag ik dat nog eens vernemen V.? Tevens zou ik dan eens graag vernemen wat je onder „fijn" verstaat. Dat woord „fijn" wordt verschillend gebruikt, zeer dikwijls is het als krenking bedoeld. Als het echter bedoeld is, dat je ouders je opgevoed hebben in de vreze des Heeren, dan mag je toch wel zeer voorzichtig zijn m'n jongen. Weet dan, dat ie om al die dingen, die je nu zo lichtvaardig doet, eenmaal in 't gericht zal moeten verschijnen. Bedenk dan, dat je geen vrijspraak zult ontvangen omdat je zo „fijn" bent opgevoed. Dat zal alles te kort zijn jongen. Je bent nu nog jong, maar ' wie zegt, dat je oud zult worden. Van kindsbeen af beh je onder de zuivere waarheid opgevoed en kun je dan ïsopen op Zondag, reizen op Zondag, biljarten op Zondag, schaken, dammen enz. Goed praten. Jongen, wat ben je toch ver weg. Je kwam bij mensen van onze Gemeente, die schaken, dammen en wandelen op Zondag, verboden achten. Dit wil je niet meer hè? Weet je wat zo erg is V. ? Dat je alles zo goed weet en alles bewust in de wind slaat. Je schreef mij: „Zoek Mij in de '""-".gen uwer jongelingschap, voordat de kwade dagen '•iracn, waarin ge zult zeggen: ik heb geen lust in derzelve", maar moeten wc dan altijd maar piekeren? Zelfs de vaccinatie praat je goed. Ga ik dan te ver, als ik schrijf, dat je al zeer ver ben afgedwaald en dat je je ouders in 't gezicht slaat. Arme, arme jongen, wat zal het je eens bang zijn, indien je je niet bekeert. Denk er om, God laat Zich niet bespotten. Die de weg geweten hebben, maar niet hebben bewandeld, zullen met vele slagen geslagen worden. Wat zou het je eeuwig meevallen jongen, indien God je nog eens te sterk mocht worden. Denk niet, dat de dienst van God bestaat in altijd te piekeren. Daar zijn tijden dat God Zijn volk een blijdschap schenkt, die de wereld niet kent. Dat is een eeuwige, blijvende blijdschap. Die van de wereld vergaat. Ik hoop, dat de Heere je mag bewaren voor een verder afglijden naar de paden der zonde. Ik heb gemeend op beide brieven te moeten antwoorden en hoop, dat anderen hier een les uit mogen trekken. De Heere beware onze jongens en geve de ouders en ons allen veel gebed voor hen in deze boze dagen, die vol zijn van verleiding en zuigkracht der wereld. Dit is de ^ wens van

Verantwoording van giften t.b v. het werk onder de militairen in Indië.

Collecte jaarvergadering j.V. der Geref. Gem. Rijssen (Walkerk) f 25, — ; Naaiver. Geief. Gem. Den Haag f 10, —; Geref. Gem. Ente! f 42, - ; N. N. fe W. f2, - ; N. N. te W. ï 1U, — en ook f 10, — voor Daniël; Geref. Gem. Bruinisse f 94, 48; J.V. der Getef. Gem. te Middelburg f 57, — ; Geref. Gem. te Nisse f 25, — ; Jongel. Ver. te Rotterdam-Zuid f 80, - ; Ger. Gem. Stolwijk f 28, 55; Collecte Geref. Gem. Rotterdam-Zuid f 540, — ; B. te S. ƒ 5, — ; Fam. den B. te R. f 21, — (jubileumgave).

Hartelijk dank voor al deze gaven en de grote medeleving die hierin tot uiting komt. Gaarne bevelen we dit alles bij de voortduur in Uw belangstelling aan.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 juli 1947

Daniel | 8 Pagina's

VOOR onge Militairen

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 juli 1947

Daniel | 8 Pagina's