Vereenigingsnieuws
„De Ring Leiden van J.V.'s der Geref. Gemeenten hoopt D.V. Zaterdag 22 Maart a.s. zijn 3e Ringvergadering te houden in het kerkgebouw der Ger. Gem. te Leiden, Nieuwe Rijn 76, aanvang half zeven.
Onderwerp: 1e. Twee gelijkenissen: „de schat in den akker" en „de parel van groote waarde", n.a.v. Matth. 13: 44—46, door vriend J. Jobse van Scheveningen; 2e. „Dr. Karl Barth en zijn theologie", door vr. Jac. Prins Azn. van 's-Gravenzande.
De Ringsecretaris: E F. VERGUNST,
Hoogl. Kerkkoorstr. 2, Leiden.
VERSLAG van de 1e Jaarvergadering der J.V. „Soli Deo Gloria", gehouden 3 Februari 1947 te Zeist.
Onze eere-voorzitter Ds. M. Blok opent de vergadering met het laten zingen van Ps. 1: I en 3, leest vervolgens Hand. 24 en gaat daarna voor in gebed. In zijn welkomstwoord bepaalt hij de aanwezigen bij Joh. 3: 29: „Onderzoekt cle Schriften, want gij meent in dezelve het eeuwige leven te hebben, en die zijn het, die van Mij getuigen." Hij wijst erop, dat het woord „Onderzoekt" niet gebiedend, maar verklarend opgevat moet worden, want het onderzoek van Gods Woord geeft niet de minste aanspraak op het eeuwige leven. Spr. wijst er tenslotte nog op, hoe en tot welk doel dat onderzoek moet geschieden, n.1.|
1e. In de vreeze des Heeren.
2e. Met een biddend hart.
3e. Eerbiedig.
Daarna neemt onze voorzitter, vr. C.H. Bardelmeyer, de leiding en dankt Ds. Blok hartelijk voor de door hem gesproken woorden, en spreekt tevens den wensch uit, dat de Heere hem nog vele jaren in ons midden mag laten.
Hierna krijgen de secretaris en penningmeester het woord voor het lezen van de jaarverslagen.
Direct daarna houdt vr. G.J. Smit zijn onderwerp: „Paulus voor Felix".
't Was nacht, toen er uit Jeruzalem een stoet soldaten trok met in hun midden de eerbiedwaardige Paulus. De tocht ging naar Caesarea, alwaar Paulus in het stadhouderlijk paleis gevangen werd gezet. Enkele dagen daarna kwam er nog een stoet te Caesarea, waaronder Ananias en een zekere Tertullus, een man, die goed slecht noemde en slecht goed. Tenslotte wijst spr. op het uiteindelijk geluk van Paulus en het onzekere einde van Felix.
Dan stelt de voorzitter 50 bijbelsche vragen aan 5 leden der J.V. en 5 leden der gemeente.
Na de pauze houdt vr. W. den Hengst een onderwerp met als titel: „Wachter, wat is er van den nacht?"
Hij begint zijn onderwerp met te wijzen op de donkere tijden gedurende de voorspelling van den morgenster en na zijn opkomst in den morgenstond. Na dit overgebracht te hebben in dezen tijd, laat hij uitkomen het humanisme, communisme en zedelijk verval. Vervolgens wijst hij op 't dreigend gevaar en sluit met een waarschuwend woord.
Nu krijgen de afgevaardigden gelegenheid tot gelukwenschen. Van deze gelegenheid wordt gebruik gemaakt door de afgevaardigden van de J.V.'s te Veenendaal, Amersfoort en Utrecht, van den Ring Utrecht, van het Landelijk Verband en van enkele plaatselijke Vereenigingen. De vijf eerstgenoemden hopen, dat onze Vereeniging zich spoedig bij den Ring en het Land. Verband zal aansluiten.
De voorzitter dankte de afgevaardigden voor hun vriendelijke woorden en verheugde zich te kunnen mededeelen, dat onze J.V. de toestemming verkregen heeft van den kerkeraad ons aan te sluiten bij den Ring en het Landelijk Verband.
Dan krijgt vr. H. v. Lingen, die weldra naar Indië zal vertrekken om zijn militaire plichten te vervullen, nog het woord, die zijn onderwerp: „De Kerk van ons Vaderland van 1834—heden" voorleest. Hij zet de puntjes meerdere malen flink op de i en het is iederen toehoorder nu wel duidelijk, dat de Ger. Gemeente zich niet zonder meer heeft afgescheiden.
Na de rondvraag sluit de voorzitter dezen goedgeslaagden avond met het laten zingen van Ps. 32: 1 en 6 en gaat tenslotte voor in dankgebed.
Namens het Bestuur,
De wnd. secr. T. VAN HOORN.
VERSLAG van de Jaarvergadering van de M.V. „Dorcas", de J.V. „Onderzoekt de Schriften" en de K.V. „Daniël", gehouden in het Kerkgebouw der Geref. Gemeente te Genemuiden, op Maandag 10 Februari.
Toen Ds. J. v.d. Berg uit Utrecht om half 8 de vergadering opende, was het kerkgebouw ruim bezet. Gezongen werd Ps. 119 vers 53 en 65, voorgelezen Johannes 5 van vers 33 tot eind, waarna Ds. J. v. d. Berg voorging in gebed.
In zijn openingswoord deelt Ds. v.d. Berg mee, dat in de kerk de dominé steeds alleen het woord heeft, doch vanavond zou dit omgekeerd zijn. Spr. gaat aan de hand van de Schrift na den naam en de beteekenis van den naam der J.V. „Onderzoekt de Schriften". Wanneer de jeugd de Schrift gaat onderzoeken, is dit alleszins prijzenswaardig. Er is echter tweeërlei onderwijs: 1e. Onderwijs gegeven door de ouders; 2e. het ambtelijk onderwijs, de catechisatie.
De J.V. is een noodzakelijk kwaad. Thuis moest z.i. het onderwijs geschieden door de ouders. Ook de kerk moet zeggen: „Geef mij de jeugd en we hebben de toekomst". Men moet juist naarstig onderzoeken om de dwalingen te herkennen, zoowel Romanisme als communisme en Humanisme. Dan blijkt dat al deze theorieën stoelen op den wortel van het ongeloof. Maar vraagt spr.: „Kennen wij den Christus?"
Na deze met spannende aandacht beluisterde openingsrede, werd meegedeeld dat een telegram was binnengekomen, dat de J.V. te Lemmer, wegens ongunstige weersgesteldheid, verhinderd was afgevaardigden naar Genemuiden te zenden.
Als eerste der inleiders trad op de heer G. Altena met een goed verzorgd onderwerp: „De twaalfjarige Jezus in den Tempel". Eenige vragen over dit onderwerp werden door den referent bevredigend beantwoord, waarna Mej. H. van Dijk „Dorcas" besprak. Vriend H. Pleizier gaf een beschouwing over „Augustinus". Vervolgens kwamen de verslagen van secretaresse en penningmeesteresse der M.V. en van secretaris en penningmeester der K.V. ter tafel.
De gezonde humor, die Ds. J. v.d. Berg in zijn opmerkingen plaatste, getuigen van zijn liefde voor het jeugdwerk. In de pauze werden de bezoekers getracteerd, waarna de afgevaardigden der J.V. uit Kampen hun wenschen uitspraken.
Na het onderwerp van den heer J. van Dijk over „Art. 10 der Geloofsbelijdenis", sprak Ds. v.d. Berg zijn waardeering uit over de poging om de geloofsbelijdenis te bestudeeren, doch waarschuwde toch vooral goede bronnen bij die studie te gebruiken.
Mej. A. Bakker las voor „Izaäks huwelijk met Rebecca" en Jac. Last „Toen en Nu".
Naar aanleiding van het verslag van den secretaris der J.V. drong de voorzitter er op aan om alle pogingen in 't werk te stellen, om het ledental uit te breiden.
Na de 2e pauze brachten de afgevaardigden van enkele plaatselijke Vereenigingen te Genemuiden, hun gelukwenschen over.
„Het doel en nuttigheid der Wet" werd hierop ingeleid door den voorzitter der J.V., den heer A. Altena. De vragen, die hierop volgden, werden bevredigend beantwoord.
Mej. G. Mateboer gaf „Kroniek 1940—'45" ten beste, welk keurig gestyleerd onderwerp aandachtig werd gevolgd.
In zijn slotwoord wees Ds. v.d. Berg op de noodzakelijkheid, om aan de jeugd de noodige aandacht te besteden en hun vragen te beantwoorden. Het contact van de ouderen en de jeugd moet niet verflauwen.
Ouderling S. Fuite sprak een slotwoord; na het zingen van Ps. 119 vers 72 sloot Ds. J. v.d. Berg met dankgebed.
Bij den uitgang werd een collecte gehouden, die voor de helft voor de militairen in Indië bestemd werd en ƒ 173.50 opbracht.
De Secr. T. VAN OLST.
VERSLAG van de 13e Openbare Jaarvergadering van de J.V. „Prediker" te Benthuizen, gehouden op 18 Februari in het Kerkgebouw der Ger. Gem.
Deze vergadering werd geopend met gebed door ouderling van der Knijff, die vooraf liet zingen Ps. 119: 53. Daarna las hij voor uit Ps. 119 van vers 97—112. Spr. heette alle aanwezigen hartelijk welkom, en stond eenige oogenblikken stil bij het 105e vers van Ps. 119, waar geschreven staat: „Uw Woord is een lamp voor mijnen voet, en een licht op mijn pad". Spr. wenschte allen toe, dat dit woord een lamp voor onzen voet mocht zijn en een licht op ons pad. Nadat hij daar eenige oogenblikken bij heeft stilgestaan achtte hij de vergadering voor geopend, liet zingen Ps. 150: 1 en gaf daarna de leiding over aan den voorzitter. Allereerst werd den secretaris verzocht om de notulen voor te lezen van de vorige jaarvergadering.
Nu kregen wij verschillende onderwerpen te hooren van de leden van de vereeniging. De secretaris bracht een jaarverslag uit en het bleek, dat de vereeniging op het oogenblik 27 leden telt.
Daar de meisjesvereeniging ook aanwezig was hield Mevr. Gommerse een kort overzicht, vanaf de oprichting, dat was 1 Nov. 1945 tot nu toe.
Vervolgens kreeg de penningmeester gelegenheid om zijn verslag voor te lezen, waaruit bleek, dat er ƒ 30.— in kas was. Na het lezen hiervan werd gezongen Ps. 139: 14 en er werd tevens gecollecteerd, welke collecte ƒ 60.10 opbracht. Daarna werd er een half uur gepauzeerd, waarin de leden van de meisjesvereeniging chocolademelk aanboden.
Nadat er gepauzeerd was werd er gezongen Ps. 89: 7 en het programma verder afgewerkt. Aan het einde gekomen, werd deze geanimeerde vergadering op gebruikelijke wijze gesloten door den heer L. Gommerse. Hij liet het laatste vers van Ps. 140 zingen en eindigde met dankgebed.
De secr. JAC. v. LEEUWEN.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 maart 1947
Daniel | 8 Pagina's