JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Asaf’s Geloofsvertrouwen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Asaf’s Geloofsvertrouwen

5 minuten leestijd

Gij zult mij leiden door Uwen raad; en daarna zult Gij mij in heerlijkheid opnemen. Ps. 73: 24.

Dit psalmwoord houdt een roerende belijdenis in, waarin God verheerlijkt wordt over wat Hij in het verleden gedaan heeft, over wat Hij in het heden doet en wat Hij bij den overgang in de eeuwigheid doen zal.

Asaf was er geen vreemdeling van, dat de Heere de rechterhand der genade in Jezus Christus naar hem, als een diep gevallen en onwaardigen zondaar uit loutere genade had uitgestrekt. Hij was uit de diepte van schuld en vloek opgeheven en zijn voeten waren gezet op den weg des vredes. Nooit had Asaf naar 's Heeren hand gegrepen, o neen, maar dit mag hij betuigen: „Gij hebt mijn rechterhand gevat".

Wat een wonder, mijne lezers! De Heere toch haalt Zijn volk uit de ruischende kuil en ook uit modderig slijk, om door Hem geleid te worden. Hoe groot toch is de liefde van Christus, daar Hij is afgedaald als borg voor Zijn volk in de diepte van onze ellende, opdat Hij de gegevenen des Vaders daaruit verlossen zou.

Geen grooter voorrecht kan een verloren mensch gegeven worden dan dit, dat de Heere zijn hand grijpt. Hoe grepen wij in en met Adam naar de verboden vrucht, waardoor hij en al zijn nakomelingen stortten in een diepte van tijdelijke en eeuwige ellende. En dat nu de Heere uit souverein welbehagen die hand komt te grijpen, ja zoo, om die nimmermeer los te laten. Dat kon Asaf getuigen tot roem van 's Heeren naam. Kunnen ook wij dat, geliefde lezers? Het zal toch niet minder kunnen, zal het wel zijn voor de eeuwigheid. Ook onze jonge lezers mochten zichzelf die vraag eens stellen. Want al bezitten wij de uitwendige voorrechten van te verkeeren onder het verbond der genade, denk er toch aan, dat deze daad, die Asaf ervaren mocht, ook in U zal moeten worden verheerlijkt. Want hier toch staat of valt alles mee, òf dat God met ons begonnen is, òf dat wij meenen 't zelf gedaan te hebben. En vooral een woord tot onze jonge menschen. Daar de veroppervlakkiging als bij den dag grooter wordt, moet toch met grooten nadruk hierop gewezen worden. Dat wij toch niet als met de dwaze maagden voor eeuwig teleurgesteld zullen uitkomen.

Want die geloofstaal, door Asaf geuit, kan en mag door 's Heeren volk op grond van hun zielservaring mede betuigd worden. Maar méér mogen wij uit den mond van den dichter beluisteren, als hij betuigt: „Gij zult mij leiden door Uwen raad". Asaf ziet zich als een vreemdeling op reis door de woestijn van dit leven.

Hij ziet zich staan als aan 'n nieuwe levensperiode. Hoe had hij een zwaren strijd gestreden, als ge deze zijn psalm aandachtig leest. Hoe was hij bijna bezweken onder den last van inwendigen strijd, daar hij het met 's Heeren handelingen niet eens was. Hij zag het onderscheid tusschen het deel van de kinderen der wereld en dat van des Heeren volk. Wat zou het anders geweest zijn, als het in zijn handen had gelegen. O, wat zijn wij toch dwaas, als wij het met Gods weg en handelingen niet eens zijn. Wat kan er dan inwendig een oorlog worden gevoerd.

Maar gelukkig, de Heere was bij vernieuwing de Eerste. Hij plaatste Asaf in de leerbank en gaf hem hemelsch onderwijs. Hoe onderscheiden is Asaf's gesteldheid voor... en in het heiligdom. Hij werd een groot beest bij God. Immers, murmureeren is beestenwerk en dat had Asaf gedaan. Maar de Heere gaf verandering, daar Asaf in ware verootmoediging werd gebracht en het met den Heere eens werd, om zich onvoorwaardelijk aan Hem over te geven. Toen werd de geloofsoefening in Asaf's hart hersteld en dat deed hem deze geloofstaal uitjubelen.

Dat ook wij die genade ontvangen mogen. Ons leven toch is niet een grillig spel, dat aan het toeval is overgelaten. Heel onze levensweg is in Gods raad bepaald. Onze levens-, lijdens- en stervensweg, al onze vreugden en smarten, al onze kruisen en kronen, ja al onze zuchten en tranen, zij komen ons alle toe uit dien raad. O, leerden wij toch gedurig om raad bij den Heere te gaan. Als wij radeloos zijn, weet Hij raad, ja Hij is een Raadsman, Die nimmer teleurstelt.

Wat een rust en welk een vrede gaf dat in Asaf's hart. Nu mag en wil hij volgen en zich door des Heeren hand laten leiden. M'n beste vrienden in Indië! Dat u daar heen moest, is niet bij geval. Ook daarin voert God Zijn raad uit. Het zou u een groote sterkte geven als ook uw harten mochten buigen en ge een overgave aan den Heere mocht ontvangen. Dat alleen geeft sterkte en rust, temidden van zooveel wederwaardigheden en gevaren. Zij, die den Heere vreezen, zullen het ervaren, dat alleen in die gesteldheid met Asaf betuigd mag worden: „En daarna in heerlijkheid opnemen." Onze tekst spreekt van een „daarna" dat voor elk mensch komt.

Na de beëindiging van den tijd komt voor hen, die zonder God en Christus hebben geleefd, dat „daarna". Maar hoe vreeselijk zal dat voor hen zijn. Zie het aan den rijken man in de gelijkenis. Hoe arm is dan de wereld, maar hoe gelukzalig zijn „daarna" allen, die hier den Heere mochten vreezen. Hun strijd is dan ten einde en zij zullen ontvangen de kroon der heerlijkheid. Geen mensch kan dat hun geven of onthouden. Alles zal genade zijn, het vatten van de hand, het leiden door Zijn raad en het opnemen in die eeuwige heerlijkheid. God geve Zijn volk veel van dat geloofsvertrouwen te mogen beoefenen, bearbeidde ook vele jonge menschen door Zijn Geest en geve het zoo jong en oud de taal van Asaf te leeren in de school van vrije genade.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 januari 1947

Daniel | 8 Pagina's

Asaf’s Geloofsvertrouwen

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 januari 1947

Daniel | 8 Pagina's