JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Vaderlandsche Geschiedenis

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Vaderlandsche Geschiedenis

§ 2. De invoering van het Christendom in deze landen.

4 minuten leestijd

Wij hebben te voren ter loops gezien, dat de eerste predikers deels Franken, deels Angelsaksen waren. Vooral ook de Fries Ludger mag niet worden voorbijgegaan.

Nu is het zeer merkwaardig dat de aanval op het heidendom plaats heeft vanuit het Zuiden naar het N. en van het W. (Engeland) naar het O.

Maar er is meer. Als die Frankische zendelingen naar het N. trekken, komen tegelijk Iroschotten prediken in het gekerstend Frankenland. B.v. Columba arbeidt in de Vogezen en Gallus sticht St. Gallen in Zwitserland. Om dit beter te begrijpen, moeten we even terug in de geschiedenis.

In de loop der 4e eeuw waren de Britten gekerstend. Zij waren Kelten en woonden in Brittannië. Hun gebied was bezet gebied door de Romeinen. Maar door de Volksverhuizing gaven de Rom. Brittannië op en in 449 kwam daar de invasie van de heidense Angelen en Saksen. Alles werd weer heidens, behalve Wales. Hier bleef de oude Britse Christ. Kerk voortbestaan. Ze zaten daar als op een eiland. Alle contact met Rome was verbroken. En juist daardoor kreeg die kerk iets eigens.

B.v. ze vierde het Pasen op een andere datum dan Rome, de geestelijken hadden een andere tonsuur (= kruinschering), er bestond geen hiërarchie en met den paus van Rome had ze juridisch niets te maken.

Reeds vóór 400 had de genoemde Britse kerk op het naburige Ierland een christelijke kerk gesticht. Daarna volgde de overgang van de Schotten en zo kan men nu spreken van de Iroschotse Kerk.

Alles bijeen n.l. Wales, Ierland en Schotland, was dus een Keltische christenheid.

Die Iroschotse kerk stond nog verder van Rome af dan de Britse kerk van Wales.

Zij was een monnikenkerk; het aantal kloosters legio, vol geleerden.

Als men daarvan leest, staat men versteld, wat er onderwezen werd. Men vond er de wetenschappelijke bestudering der H.S.; de bestudering van de uitlegging der H.S. bij de Kerkvaders.

Natuurlijk moest aan deze bestudering een voorbereidend onderricht voorafgaan: de z.g. zeven vrije kunstens. Verder beoefenden ze nog sterrenkunde en tijdrekenkunde vooral om de Paasdatum te kunnen berekenen.

Ook waren ze zeer bekend met de werken der oude Latijnse en Griekse schrijvers (de klassieken). En dan hadden ze grote liefde voor hun taal (het Keltisch) en hun geschiedenis.

De tucht in de kloosterscholen was ontzettend streng. Bij het minste vergrijp ging er meedogenloos de stok op!

Ieder mocht de school bezoeken: armen, rijken, a.s. geestelijken of niet, landgenoten en vreemdelingen. En alles kosteloos. Zelfs ,,vrij logies plus ontbijt".

Pl.m. 600 zond paus Gregorius de Grote den abt Augustinus met zijn helpers ter missie. (Natuurlijk wordt hier niet de Kerkvader van die naam bedoeld).

Zij waren Benedictijner monniken, trouwe dienaren van den paus en hadden tot opdracht Brittannië opnieuw (zie boven) voor het christendom te winnen. En dat gelukte. Het werd nu tussen de Benedictijnen en de Iroschotten, ook op 't gebied van onderwijs, zulk een wedstrijd, dat weldra de scholen van de eersten die van Ierland overtroffen. Echter ging er van de Ierse scholen toch nog aantrekkingskracht uit omdat het onderwijs in de H.S. daar beter was. Met hopen gingen Angelsaksische jongelui naar Ierland. En onder deze is ook geweest Willibrord! Mijn lezers zullen nu wel begrijpen waarom ik ietwat uitvoerig was, n.1. te laten zien uit welk milieu (kring) onze predikers afkomstig waren.

Maar weldra ontbrandde er een hevige strijd tussen de Angelsaksische en de Ierse kerk, natuurlijk over de Paasdatum, de tonsuur enz. Rome eiste, dat de Ierse kerk zich aan Rome conformeren zou, d.w.z. zich volledig aan den paus onderwerpen.

En Rome won! Een merkwaardig verschijnsel onder de Iroschotse en Angelsaksische monniken was hun hartstocht tot uitlandigheid. Ze noemden zich ,,peregrini" d.w.z. vreemdelingen, ballingen en vergeleken zich gaarne met Abraham (Ga uit uw land enz.).

Ze trokken de wereld in; echter niet altijd om te gaan prediken. Doch des ondanks kwam het er toch van en dientengevolge tot kloosterstichting, welke natuurlijk werden ingericht naar het model van het moederklooster. Vandaar de vele Iroschotse kloosters op het continent (= vasteland), denk aan St. Gallen.

Wanneer nu hier pl.m. 700 Angelsaksische zendelingen komen, dan komen deze onder stamverwanten, begrijpen dus de taal, de volksziel en hebben zo gemakkelijker ingang.

Zeker schrijver vermeldt, dat na het jaar 1000 een Walcherse boer zonder moeite kon spreken met een boer uit Kent (Z. Eng.).

En dan is er nog iets. Heel de Middeleeuwen door, vooral in de 2 eeuwen vóór de Hervorming zijn deze landen — iets aparts — geweest. In de tijd, die wij nu behandelen, is daarvoor reeds de grond gelegd.

Ik wil daarin zien de bijzondere leiding Gods met deze gewesten. Hoe moest Nederland dit voor ogen houden en steeds gedenken aan de daden des Heeren (Ps. 78).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 november 1946

Daniel | 8 Pagina's

Vaderlandsche Geschiedenis

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 november 1946

Daniel | 8 Pagina's