Schuld en schaamte
Je hebt misschien wel eens gehoord dat we in Nederland vanouds een schuldcultuur hebben, terwijl in veel andere landen een schaamtecultuur heerst. Wat betekent dat? Nou, dat we in Nederland nogal op de regeltjes zijn. We vinden de letter van de wet belangrijk. Wie die overtreedt, moet boeten. En wie zijn straf heeft uitgezeten, of zijn bekeuring betaald, staat weer in volle rechten. Die is vrij in zijn geweten. Zolang hij zich maar aan de wet houdt, mag hij zich zelfs onbeschaamd gedragen.
Het is waar dat in andere culturen de precieze regel vaak net ietsje minder belangrijk lijkt. Natuurlijk, gehoorzaamheid is een groot goed, maar problemen zijn soms op te lossen door er eventjes van af te wijken. Dan moet wel duidelijk zijn dat je daar anderen niet mee kwetst. Ook moet je je gezicht niet verliezen. Daar kun je elkaar bij helpen. Gewoon, door begrip op te brengen. Als je er samen niet uitkomt, heb je een probleem. Niemand wil immers voor schut staan. Je eer is heel belangrijk.
De schuldcultuur in Europa zou bevorderd zijn door de Reformatie. Mannen als Luther en Calvijn benadrukten immers de schuld van de zondaar tegen de heilige God. En dat voor die schuld moest worden betaald. De Heilige Geest zorgt dat het geweten de mens gaat aanklagen. Hij gebruikt daarvoor de wet. Als je als zondaar werkelijk gaat erkennen dat je niets hebt om te betalen, dan drijft dat heen naar Christus, de Zaligmaker. Zo staat het beschreven in de Heidelbergse Catechismus.
Toch staat er in de Bijbel méér dan dat, hoor je soms benadrukken. De Bijbel is immers grotendeels geschreven in een schaamtecultuur? Naast schuld wordt heel veel gesproken over schaamte. Dat moet een zendingswerker goed voor ogen houden als hij vanuit een schuldcultuur terechtkomt in een schaamtecultuur. Trouwens, ook in Nederland worden de regeltjes steeds minder belangrijk gevonden. De schuldcultuur zwakt af. Jongeren zijn meer bezig met wie ze zijn en hoe ze overkomen.
Als je die geluiden zo hoort, zou je denken dat we in de kerk verkeerd bezig zijn. ’t Gaat altijd maar over de schuld. Ellende - verlossing - dankbaarheid… Zou het niet beter kunnen gaan over onzekerheid - aanvaarding - tot bloei komen? Of over de ellende van het jezelf schamen, de verlossing daarvan en de dankbaarheid daarover? Je kunt er allerlei gedachten bij hebben. En wie zijn oren er niet voor sluit, hoort ze ook weleens uitgesproken worden. Verwarrend allemaal - of niet soms? Schuld en schaamte lijken tegenover elkaar te staan. Toch zien we in de Bijbel dat ze juist bij elkaar horen. Toen Adam en Eva gezondigd hadden, schaamden ze zich. Als de profeet Daniël schuld belijdt, zegt hij dat bij hem en het volk de ‘beschaamdheid der aangezichten’ is. Efraïm belijdt in Jeremia 31: Zekerlijk, nadat ik bekeerd ben, heb ik berouw gehad, en nadat ik aan mijzelf ben bekend gemaakt, heb ik op de heup geklopt, ik ben beschaamd, ja, ook schaamrood geworden…
De Bijbel zegt dus niet: schuld of schaamte… kies maar wat je aanspreekt. De Bijbel zegt: schuld én schaamte. Want… schuld zonder schaamte is onbeschaamdheid. Je weet het, maar het deert je niet. En schaamte zonder schuldbesef is ijdelheid. Je wilt mooier overkomen dan je bent. Schuld en schaamte moeten bij elkaar komen om waar en écht te zijn. Dát is de ellende die de Catechismus je wil aanwijzen. Om je heen te wijzen naar Christus, Die aan het kruis de schuld droeg en de schande verachtte.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 juli 2017
Daniel | 32 Pagina's