In actie op de evenwichtsbalk en aan de rekstok
Sporten is goed voor je en het is leuk om te doen. Soms moet je wel keuzes maken. Want ook als je sport, ben je een christen. Merken andere kinderen dat aan je? Lees maar wat Noa, Joëlle en Linde vertellen!
Hoe lang zitten jullie al op turnen?
Noa: “Vijf jaar.”
Joëlle: “Ongeveer anderhalf jaar.”
Linde: “Toen ik drie jaar was, ben ik begonnen.”
Waarom hebben jullie voor deze sport gekozen?
Noa, lachend: “Linde vroeg of ik een keertje meeging naar turnen. Ik vond het zo leuk dat ik ook heel graag op turnen wilde!”
Linde vertelt dat haar moeder haar zelf een sport liet kiezen.
Joëlle zat eerst met haar vriendin op zwemles en is daarna samen met die vriendin op turnen gegaan.
Hoe vaak in de week turnen jullie?
Dat verschilt! Noa en Joëlle turnen een keer in de week. Linde drie keer in de week. Vanzelf hebben de meiden ook alle drie een ander niveau. Noa D4, Joëlle R3 en Linde D1.
Wat doe je dan?
Iedereen heeft een boekje, waarin oefeningen per niveau staan. Je doet oefeningen van je eigen niveau.
Linde: “Je moet goed opletten wanneer je bijna een wedstrijd hebt, dan moet je die onderdelen goed oefenen.”
Joëlle: “We oefenen in groepjes van hetzelfde niveau. We hebben verschillende onderdelen, zoals de mat, de rekstok en de balk.”
Noa: “Ik oefen het meest op de balk.”
Jullie hebben het over oefenen voor een wedstrijd. Hoe gaat zo’n wedstrijd eraan toe?
Noa: “Elk groepje heeft een eigen juf. Door de microfoon wordt omgeroepen wanneer je naar een volgend onderdeel moet gaan.”
Joëlle, lachend: “Ik was een keer zo zenuwachtig dat ik van de balk viel. Het was mijn eerste wedstrijd.”
En, wel een prijs gewonnen? Joëlle knikt trots: “Ik ben tweede geworden!”
Linde: “Soms hebben wij ook duo-wedstrijden. Uit een bak met briefjes worden dan tweetallen getrokken die tegen elkaar moeten. Ik was toen samen met mijn vriendin, dat was heel leuk!”
Jullie zijn drie christelijke meiden. Zijn er nog meer christelijke kinderen in jullie turngroep?
Linde en Joëlle knikken. Zij kunnen zo wat namen noemen. Noa kijkt bedenkelijk: “Nee, volgens mij niet.”
Kunnen kinderen aan jou merken dat je christen bent?
“Pas vroeg iemand uit de groep hoe een baby nu eigenlijk in de buik van een moeder komt,” vertelt Linde. “Nou, die is er dan gewoon, zei een meisje toen. Mijn vriendin heeft toen verteld dat de Heere daarvoor zorgt.”
Noa: “Mama ging mijn turnen afzeggen voor dankdag. De juf keek toen heel vreemd.” Op de vraag of Noa het soms lastig vindt om met kinderen te turnen die niet christelijk zijn, knikt ze. De andere twee meiden stemmen ermee in. Joëlle: “Soms gebruiken kinderen grove woorden. Als ik vraag of ze daarmee willen stoppen, doen ze dat ook wel.”
Meiden, bedankt voor jullie enthousiaste verhaal!
Ik denk dat veel kinderen wat nieuws geleerd hebben van jullie interview!
Zit je als christen bij veel niet christelijke kinderen op een club? Dan is het belangrijk hoe jij daarmee omgaat. Denk eens hieraan:
- Wees zo gewoon en open mogelijk over wat je gelooft. Laat merken dat je daar achter staat. Meestal krijg je daar respect mee.
- Wees duidelijk als er dingen zijn waar jij liever niet aan meedoet en leg uit waarom.
- Bespreek dingen die je moeilijk vindt met je ouders en vraag hen om raad.
- Wees aardig en vriendelijk tegen anderen. Misschien ben jij de enige christen die ze kennen. Welke indruk laat je achter?
Even voorstellen…
Van links naar rechts op de foto zie je Noa (9), Joëlle (9) en Linde (8). Deze meiden zijn heel sportief: ze zitten alle drie op turnen!
Psst… deze drie meiden zitten in groep 5b op de Eben-Haëzerschool in Capelle aan den IJssel. Ze zitten bij juf… Ingemarij in de klas! Alleen zeggen ze op school juf Hamoen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 juli 2017
Daniel | 32 Pagina's